Op bezoek in: Bolivia

Oppervlakte: 1.098.581 km2 (26 x Nederland)
Inwoners: 9 miljoen
Hoofdstad: Sucre (La Paz is het regeringscentrum)
Munteenheid: Bolivian Boliviano  -  1 EUR = 10,58 BOB
Taal: Spaans
Godsdiensten: Rooms-Katholiek (95%), Protestant (5%)
Bijzonder: Coca-bladeren kauwen, hoogteziekte & Titicaca meer
 
BOLIVIA
Weer een stempeltje
BO | La Paz | 10 september 2008
<Vervolg van Peru>
Met complete desinteresse krijgen we onze stempels bij de douane van Bolivia. Geen enkele tas wordt gecontroleerd en het ingevulde grenspapiertje wordt niet geverifieerd. We zijn Bolivia in en rijden nog steeds langs het Titicacameer. Na een paar uur komen we – vroeger dan gedacht – aan in één van de hoofdsteden van Bolivia. We komen binnen via de buitenwijken en hoewel de grootte al goed te zien is, zien alle huizen er armoedig en opgehoopt uit. Iets verderop zien we de Illimani bergen met witte bergtoppen en komen we in het echte centrum aan; compleet met hoogbouw.

La Paz is de administratieve hoofdstad van Bolivia en daarmee de hoogstgelegen hoofdstad ter wereld. Sucre is de constitutionele hoofdstad van Bolivia, maar minder bekend als zodanig. In La Paz zitten we op ruim 4000 meter en wordt er overal gewaarschuwd voor hoogteziekte. Dé oplossing hiervoor is eigenlijk rustig aan doen en veel drinken, maar de Bolivianen vinden het beter (en hoogstwaarschijnlijk leuker) om Cocabladeren te kauwen en te drinken in theevorm. We komen op een verrassend mooi busstation aan en pinnen gelijk wat BOB’s (bewust onbeschonken bolivianos) om wat geld op zak te hebben en gaan op zoek naar een hotel. We hebben een aantal opties, maar we lopen met zware tassen op, op ruim 4000 meter. Kortademigheid maakt onze zoektocht korter en we checken in bij Hotel Tiquina Palace. Voor 185 bolivianos p/n aan de dure kant, maar we hebben een mooi en lelijk uitzicht tegelijk en een heerlijk warme douche. We kijken recht naar beneden naar een aantal krotten van huizen die hoogstwaarschijnlijk tien jaar geleden half zijn platgegooid en sindsdien er maar gewoon nutteloos staan. In de verte echter zien we de witte bergketen en we kijken op de belangrijkste straat van La Paz. `

We pakken alle spullen uit en gaan een rondje lopen. Via de twee toeristenstraten – ze hebben hier heeeeeeel veel leuke spulletjes – komen we uiteindelijk bij een Aziatisch restaurant uit waar we heerlijk eten! We lopen ook langs het Chalalan kantoor waar we nog wat extra informatie inwinnen over hun amazonetrips. We hebben expres de Amazonegebieden in Brazilie, Ecuador en Peru overgeslagen omdat we deze optie al thuis opgezocht hadden. Hoewel het Braziliaanse oerwoud veel populairder en bekender is, is die dichtbevolkter, achteruit gegaan en duurder. De Boliviaanse amazone is veel minder druk bezocht, goedkoper en de Chalalan-optie is een ecologisch wonder wat gerund wordt door 100% inheemse Indianen. We boeken dan ook direct en nemen de 5dagen/4nachten optie wat ons drie nachten in het Chalalan ecolodge brengt. Ook boeken we een vlucht naar Rurrenabaque aangezien we geen zin hebben om de busoptie te nemen. De busoptie is een verschrikkelijke rit in zowel schoonheid als gevaarlijk en we hebben geen puf meer voor nog een nachtrit. De busrit gaat ook nog eens over de ‘dodenweg’ en we zijn nog niet klaar met leven.

We lopen verder op zoek naar een camera reparatiezaak en vinden een klein stalletje fijngeknepen tussen andere winkeltjes en we leggen ons probleem voor. Met volledige overtuiging geeft de eigenaar aan het probleem te kunnen verhelpen voor Bs 500 (€ 52,-). We gaan het zien morgen. De rest van de avond relaxen we lekker op de kamer  onder andere met de film ‘Hancock’.

Gat in hand
BO | La Paz | 11 september 2008
Na lekker geslapen te hebben, worden we wakker en gaan ontbijten. Hoewel het leuk is dat we cocablaadjes en cocathee krijgen, is het ontbijt niet echt lekker. Vandaag gaan we een stukje door de stad lopen aan de hand van een kaartje in de Lonely Planet. We beginnen rustig aan bij de grote toeristenstraten, want we willen even kijken wat ze te bieden hebben. We zijn er gisteren al vluchtig doorheen gelopen en hebben al gezien dat ze erg veel hebben, maar als je rustig aan doet blijkt dat het echt veel is. Alle kleuren van de regenboog zijn vertegenwoordigt en natuurlijk ook hier veel lama- en alpacastoffen. We zitten natuurlijk op een budget en prijzen ons enigszins gelukkig dat we niet alleen maar op vakantie zijn in Bolivia, want je kunt je eigen helemaal leeg kopen. Ons budget wordt vergeten en we kopen achtereenvolgens: Twee sjalen, twee kussenslopen, een muts en een hangmat. Het is allemaal te leuk om te laten liggen en ook erg goedkoop; al deze aankopen hebben ons €27,58 gekost.

We lopen ook even langs de ‘heksenmarkt’ maar dit slaat eigenlijk helemaal nergens op. Er hangen lama-foetussen, een opgezet gordeldier en vellen van de sfinx afgewisseld met allerlei soorten drankjes en kruiden en het stinkt altijd. Regelmatig horen we een boel geronk in de buurt als er weer eens een oude Chevroletbus de steile straten van La Paz op probeert te kopen. De kleurrijke bussen zijn er leuk uit, maar produceren zo’n enorme hoeveelheid zwarte rook dat we een groot gapend gat in de ozonlaag verwachten recht boven La Paz.

We komen uit bij de zwarte markt waar echt alles te koop is wat men kan bedenken, maar wij houden het rustig (we hebben half La Paz al bij ons). Het weer slaat een beetje om en we lopen snel terug richting het hotel. We stoppen nog even bij Plaza de San Francisco voor een appeltje en om onze fotocamera op te halen die het gelukkig weer doet. Eenmaal thuis gaan we even over de opties heen.

We hebben de Chalalan Amazonetoer geboekt voor de 16de (kon niet eerder) dus hebben we nog wel wat dagen te overbruggen. We besluiten te gaan rondkijken voor een trekking in de tussenliggende dagen. Het wordt mooi weer en we moeten weer eens wat actiefs gaan doen. We vragen het bij twee toerbureau’s en de tweede biedt de Choro-trek voor een erg goedkope prijs aan inclusief matrassen, tent en slaapzak (US$80 voor drie dagen/twee nachten). We boeken gelijk en zitten ineens weer vol met de dagen. We kopen nog wat DVD’tjes voor de deur en gaan onze souvenirs eens inpakken. Helaas heeft onze vaas uit Nazca de trip nu al niet overleefd en zit er niets anders op dan deze weg te gooien. Superjammer, maar we hebben vandaag weer een hoop dingen erbij gekocht. We zijn een half uur bezig om er een sterk en handig pakket van te maken en zijn nu al zenuwachtig of het pakket wel aankomt aangezien er wel héél mooie dingen in zitten.

We eten later lekker bij Arabier een (soort van) broodje shoarma – of shawarma – en relaxen verder op de kamer.

Blauw plastic pakketje met cocaïne
BO | La Paz | 12 september 2008
Het ontbijt is vandaag iets lekkerder en we kunnen er na een lekkere douche weer even tegenaan. We hadden beloofd de trekking te betalen voor 12:00 en we gaan dan ook ’s ochtends nog op pad om wat zaken te regelen. We betalen de trekking, maar de administratie blijkt hopeloos en we vragen ons af of we morgen daadwerkelijk om 08:00 opgehaald worden. Iets verderop is een soort van postkantoortje wat alleen uitgaande post afhandelt voor ‘gringos’ (toeristen feitelijk). We droppen daar ons blauwe, 7 kilo wegende, strak in elkaar getapete pakket en vullen een hoop papierwerk in om het naar Nederland te krijgen. De postbediende kijkt wat bedenkelijk, want we hebben het zo goed ingepakt dat niet te zien is wat er allemaal in zit. Ze vraagt of er cocaïne of flessen in zit en beantwoorden negatief. Gelukkig gelooft ze ons en gaan we het opsturen. We vragen ons erg af wat de Nederlandse douane gaat doen als ze een strak ingepakt, blauw, uitziend-als-vijf-kilo-cocaïne pakket uit Bolivia ontvangen. We nemen de trage service wat betekent dat we voor Bs 326,--/€33,- het pakket met een maand in Nederland moeten hebben. We zijn een beetje zenuwachtig, want er zitten dit keer erg mooie dingen in..

Iets verderop gaan we even lekker een bakje koffie drinken – ook Marijke – met een sandwich die iets groter uitvalt dan gedacht. Weer iets verderop betalen we de Amazone/Chalalan toer voor 16 t/m 20 september en hebben de belangrijkste zaken alweer geregeld.

We hebben nog niet veel van La Paz zelf gezien dus gaan naar de twee  belangrijkste pleinen, Plaza de San Francisco en Plaza Murillo. De Iglesia de San Francisco staat pal tegen de belangrijkste verkeersader van La Paz aan en is een rustpunt in de drukke stad. Een paar straten verder staan er rond Plaza Murillo een aantal regeringsgebouwen en de kathedraal van de stad. Hier eten we een lekker ijsje en genieten we van het perfecte weer. De duiven worden ook hier overvoed en het is som s oppassen met deze laagvliegers. We merken flink wat beveiliging op, maar dat zal wel te maken hebben met het overleg wat vandaag plaatsvindt tussen een opstandige provincie en de regering.

Al sinds we in Bolivia aangekomen zijn, zijn er problemen met een specifieke provincie rondom Santa Cruz. De rijke stad en provincie hebben niet zoveel zin om op te draaien voor de arme gebieden in Bolivia en hebben nu ook al problemen met een omstreden wetswijziging die de president wil doorvoeren ten gunste van zijn eigen Indianenvolk. Op de dag dat we aankwamen, is de Amerikaanse ambassadeur het land uitgezet aangezien die verdacht werd van medeplichtigheid aan de rellen. Wij merken er nauwelijks wat van en zijn alleen bang voor de reis naar Sucre over tien dagen. Sucre ligt relatief dicht bij Santa Cruz en is het officiële regeringscentrum. We zien het dan wel weer.

Via het hotel lopen we naar Plaza de Estudiantes waar we een ‘micro’ (kleine busjes die hier als openbaar vervoer dienen) pakken naar de Valle de la Luna. Onze wereldticket dekte helaas de maan niet, dus hebben we geen vergelijkingsmateriaal, maar deze vallei schijnt op het maanlandschap te lijken en we gaan een blik werpen. Na drie kwartier stappen we uit bij een indrukwekkend landschap met vele stalagmieten en afwisselende rotsformaties. Het is allemaal echter niet zo indrukwekkend als dat je zou denken en een opgezet park rondom deze rotsen slaan we dan ook maar over; we zien vrijwel toch alles vanaf de buitenkant ook wel. Na een goed kwartier lopen we alweer terug en pakken we de microbus terug naar La Paz.

We hebben trek in weer eens wat anders eten en hebben een Burger King gezien. Eergisteren waren we nog teleurgesteld toen we ontdekte dat er geen McDonald's zat, maar gelukkig is de whopperfabriek wel ter plekke in La Paz! We vreten – eten kan je het niet noemen – lekkere burgers, patatjes en cola, maar ook hier in La Paz luisteren de baliemedewerkers gewoon niet naar wat je wilt. Frans vraagt om een dubbele burger met kaas, geen patat, cola zonder ijs en kipnuggets. Frans krijgt geen burger, wel patat, cola met ijs en kipnuggets; toch ook knap.

We zigzaggen door de avondspits van La Paz naar het hotel en stoppen onderweg nog even om de, inmiddels, geopende Iglesia de San Francisco te bezoeken. Ook zien we een DHL zaak en vragen ons gewoon even af hoeveel hun service kost. Het blijkt dat we bij DHL voor een 7kg pakket naar Nederland US$ 259,- iets duurder uit zijn. ’s Avonds ruimen we alles op en internetten we nog even om alles op de website te zetten.

Incatrail
BO | Choro-trek | 13 september 2008
Vandaag gaan we beginnen aan een behoorlijke fysieke inspanning – voor ons dan. Na alle ochtendrituelen worden we om 08:15 opgehaald voor de Choro Trek. We worden opgehaald door onze gids voor de komende drie dagen en een taxi die ons buiten La Paz brengt. We nemen alleen Marijke’s tas mee, zodat we kunnen afwisselen. Vlak voordat we de ‘Camino de la Muerte’ (weg van doden..) opgaan stappen we uit en zijn we bij het registratiepunt. We rijden nog zo’n 200 meter omhoog en zitten rond de 4800 meter op de hoogste pas van deze trek. We zitten ook in de wolken en zien nog net een prachtige altiplano – hoogvlakte – met witte bergtoppen en mysterieuze wolken cirkelend eromheen. Het ijs en de ijskoude lucht maken het een beetje koud dus we doen onze tas om en beginnen de trekking.

Als we een paar honderd meter verder zijn, lopen we vlak onder de wolken en zien we een prachtige vallei voor ons. We zigzaggen naar beneden en zien al snel een aantal lama’s naar boven komen met bijbehorende eigenaressen; mooi plaatje! In de vallei zelf zien we al de duidelijke Incatekenen in de vorm van huisjes en de Incaweg waar we over heen lopen. We pauzeren even en Marijke kan officieel meedelen dat zij in een Incaruïne geplast heeft! De Incaweg wordt steeds duidelijker en we voelen ons vereerd. Het is sowieso ongelooflijk dat een weg van ruim 500 jaar geleden nog steeds – soms – zo goed erbij ligt ondanks alle elementen. We lopen een flink stuk door de mist wat het extra mysterieus maakt, maar ook wat aan de koude kant. Als we bij ‘Samana Pampa’ stoppen voor de lunch krijgen we een discutabele kip te eten met rijst en aardappelen. Hierna volgt nog veel meer Incaweg en hier en daar wat huisjes. We vermoeden inmiddels dat er een enorm dorp begraven ligt onder het puin, mos en aarde minstens net zo groot als Machu Picchu. Er zijn echter geen opgravingen aan de gang en Bolivia is nu niet het meest rijke land van de aardbol, dus of we het ooit zullen weten..

Onderweg krijgen we gezelschap van een mooie adelaar, wassende vrouwen – in het héle koude water – en moeten we Bs 10 betalen voor de entree in het Nationale Park. Ironisch wordt er gevraagd of we aub het pad schoon willen houden terwijl in hetzelfde dorp, nog geen vijf meter verder, een mini vuilnisbelt aan het groeien is tot grote hoogtes. We lopen uiteindelijk zo’n zes uur overwegend omlaag en zien al een verandering in het landschap van rotsachtig kaal naar oerwoudachtige hoeveelheden, groene bergen.

We zetten onze tent op in de mist bij een brug en rivier in een idyllisch landschap. Jammer genoeg zien we weinig van het resterende uitzicht door de mist, maar wij staan in ieder geval droog onder een afdakje. Frans weet inmiddels zeker dat hij nooit meer gaat kamperen – in een tent – en helaas blijkt het behoorlijk aan de koude kant te zijn. Onze gids/kok maakt spaghetti en warme dranken klaar, maar het helpt niet echt tegen de kou. Inmiddels heeft Marijke ook al diarree gekregen, we vermoeden de kip van de lunch, en ook dat helpt niet echt bij een gewenste, goede nachtrust. We ontmoeten de enige twee mede-Choro-trek-reizigers, twee Franse meiden, en praten nog wat met ze alvorens we proberen te gaan slapen rond 20:00. Er is geen nachtleven in de ‘middle of nowhere’ en donker is hier ook écht donker. Tevens is er geen douche en wc dus doen we alles ‘natural’ in de wildernis; vooral leuk midden in de nacht met diaree.

Gevecht tegen de elementen
BO | Choro-trek | 14 september 2008
Rond 06:30 worden we definitief ‘wakker’, Frans heeft nauwelijks geslapen en Marijke wel een beetje. De kou, slechte matjes en kleine ruimte – we kunnen niet of nauwelijks strekken – zorgden voor een lange, verschrikkelijke nacht die we zo snel mogelijk willen vergeten. Om 07:30 zitten we aan het ontbijt met lekkere warme thee, chocolademelk en een paar harde broodjes. Gelukkig is de mist nu opgetrokken en zien we de mooie vallei voor ons liggen waar we nu inzitten. Om 08:00 gaan we weer op weg met een heerlijk zonnetje!

Vlak nadat we gaan lopen krijgen we twee opties van de gids. We kunnen zo’n vijf uur lopen naar een kampeerplek of nog drie uur meer naar een kampeerplek verderop. Het klinkt wellicht vreemd, maar we willen graag naar de tweede kampeerplek lopen aangezien we dan meer tijd hebben in La Paz om ons op te frissen en uit te rusten voordat we naar de Amazone gaan. We kiezen in ons hoofd al snel voor de tweede optie, maar we zijn bang dat onze benen er niet zoveel zin in hebben.

We lopen af en aan in de zon in een prachtige omgeving. We hebben eindeloze uitzichten op groene bergen en zien na een paar uur de eindbestemming al van de dag. Helaas is dit ietwat deprimerend, want het is nog behoorlijk ver weg, maar we gaan stug door met ons hotel en warme douche in gedachte. We lopen nog steeds vaak over de Incaroute waarbij de bomen, mos en struiken een nutteloos gevecht leveren tegen de stenen weg. We zien de grote rivier door de vallei heen slijpen en lopen langs allerlei watervalletjes. Onderweg passeren we de Choro-vallei waar de trek naar vernoemd is en ook die vallei ziet er weer prachtig uit. Overal langs de route hebben we gezelschap van vele vlinders – kleine en grote – en als we even rusten in de Choro-vallei komen ze gewillig naar je toe zoekend naar eten.

We lunchen bij een mooi uitkijkpunt en bikkelen door naar de eerste kampeerplek ‘San Francisco’ en drinken ons vol met water en cola aangezien we al een uurtje zonder zaten. We rusten een half uurtje uit, spelen wat met de speelse kat en gaan door met het laatste stuk. Het venijn zit hem helaas behoorlijk in de staart, want we gaan een behoorlijk stuk omlaag (de billen van Marijke en kuiten van Frans staken hier) en moeten vervolgens hetzelfde stuk weer omhoog wat ook wel de weg van de duivel wordt genoemd. Puffend komen we eindelijk, na 9,5 uur gelopen te hebben, aan bij onze kampeerplek en we zijn doodop. We hebben ineens opties voor onze slaapplek zijnde een normale kamer met echt bed, een Boliviaanse kamer (met open-raam-airco en heel veel kleden) en onze tent. We checken de eerste optie, maar de eigenaar denkt dat wij een wandelende geldmachine zijn en vraagt teveel voor één bed. De Boliviaanse kamer is hoogstwaarschijnlijk te koud en ziet er niet al te fris uit, dus we gaan toch maar in onze tent. We willen voor de zekerheid extra dekens, maar die kosten ineens ook al geld. Blijkbaar denkt iedereen hier dat we geld op onze rug hebben groeien.

Met frisse tegenzin accepteren we de dekens en onze gids kookt een lekkere maaltijd klaar. Soep vooraf en Knakworstjes en aardappelpuree als diner smaakt best lekker! We zitten wederom in de mist, maar het is gelukkig wel warmer dan de dag ervoor.

Dodemansrit
BO | Choro-trek/La Paz | 15 september 2008
Rond 06:30 zijn we weer wakker en de nacht is iets beter bevallen dan de vorige. Onze benen zijn bijna gebroken, maar we hebben vandaag nog maar twee uur wandelen op het programma staan. We breken de tent af en nemen een kijkje bij de Japanse tuin. We zijn bij kampeerpunt ‘Sandillani’ en daar heeft een creatieve geest een prachtige tuin aangelegd van bloemen met een geweldig uitzicht over de vallei. We zitten op 1978 meter hoogte – Frans’ geboortejaar – en gaan vandaag vrijwel alleen nog maar dalen naar Chairo. De Franse meiden hebben een deal aangeboden gekregen om mee te rijden van onze gids zonder dat dat aan ons gevraagd is. Op zich geen probleem, want de gids kan wat extra bijverdienen, maar waarom die dat nou gewoon niet even vraagt?! Ons is een privétransport beloofd van Chairo naar Coroico en we zien de bui al hangen..

We zigzaggen wederom de bergen af en rond 10:00 zijn we eindelijk in Chairo en klaar met lopen. Dit voeren we met een lekker koud colaatje en een twix en ineens hebben we niet zo’n haast meer om weg te gaan. Wij weten al lang waarom, maar onze gids maakt er wat onzinverhalen van. Pas als de meiden er zijn gaan we direct weg – da’s toevallig – en hebben we drie kwartier weggegooid. Rond 11:40 komen we aan in Coroico en stappen we gelijk in een minibusje naar La Paz. We genieten nog eenmaal van het uitzicht en gassen drie uur lang over de weg van de doden. Het klinkt erger dan het is, want de Bolivianen hebben inmiddels een nieuwe geasfalteerde weg aangelegd die een stuk minder gevaarlijk is. De oude weg wordt alleen nog gebruikt voor mountainbiketoertjes die veelvuldig aangeboden worden in La Paz.

We vragen of we afgezet worden bij de Burger King en dat is gelukkig geen probleem. Na een aantal dagen slecht gegeten te hebben, hebben we trek in iets vertrouwds. Het fastfood smaakt lekker en met nog wat inkopen gaan we lekker naar onze warme kamer met warme douche en heerlijk bed.

Resumerend is de Choro trek voor ons zowel een mooie en unieke ervaring als een eenmalige. We houden allebei van lopen, maar drie dagen lang is iets teveel van het goede. Tevens zijn we niet gewend aan kamperen en vinden het ook niet zo leuk meer. Wel hebben we hele mooie natuur gezien en vaak genoten van het uitzicht.

Om 18.00 krijgen we een telefoontje van het toerbureau waar we onze trip naar de amazone geboekt hebben. De vluchten van morgen zijn geannuleerd en aangezien we zouden vliegen naar de Amazone, gaan we morgen dus niet. Wellicht overmorgen, maar daarover horen we morgen meer. Uitslapen morgen klinkt ook niet heel vervelend…. 

De rest van de avond relaxen we op de kamer en gaan we rond 20:00 doodmoe slapen.

Niet over politiek praten
BO | La Paz | 16 september 2008
Rond 07:00 is Frans al wakker al slaapt Marijke lekker door tot een uur of 08.00. We hebben nu allebei diaree en beginnen maar met de antibiotica die we gisteren gekocht hebben bij de apotheek. We gaan toch bijna naar het Amazonegebied en willen graag fit zijn. We slaan het ontbijt over – honger hebben we toch niet – en rusten erg veel uit en proberen een beetje aan te sterken vandaag. Frans is nog sterk genoeg om naar buiten te gaan en gaat op onderzoek uit. Uploaden van de website, gezond eten en drinken halen, was wegbrengen en op zoek naar een goedkoper kleed dan dat we een aantal dagen geleden hebben gezien.

Later in de middag gaan we samen nog een een rondje lopen en gaan langs bij het Chalalan kantoor. De vluchten gingen niet door, door de politieke crisis die inmiddels is ontstaan in Bolivia. Ze hebben eerlijk gezegd geen idee wanneer het opgelost is en dus wanneer er weer een vlucht gaat. We krijgen de optie om te gaan rijden met de auto, maar 18 uur in een auto zitten, hebben we simpelweg geen zin in. Ze beloven ’s avonds te bellen en dat wachten we dan maar af. We bestellen nog een tosti, maar die is niet zo erg lekker en we snellen ons weer naar het hotel om dichtbij de wc te zijn.

Bolivia heeft in 183 jaar maar liefst 194 regeringen te verduren gehad. Het land staat bekend om de vele stakingen en blokkades en ook wij hebben daar nu last van. Vandaag in de krant:

SANTA CRUZ (ANP) – De gouverneurs van de vier opstandige regio’s in Bolivia hebben dinsdag ingestemd met overleg om te proberen de crisis in het land op te lossen. Ze maakten afspraken met president Evo Morales om een aantal onderwerpen te bespreken in de hoop uiteindelijk tot een definitieve oplossing te komen.

Gouverneur Leopoldo Fernandez van de provincie Pando wordt verantwoordelijk gehouden voor onlusten tussen voor- en tegenstanders van de centrale regering, waarbij afgelopen week zeker zestien doden vielen.

„De overeenkomst niet tekenen betekent geweld, confrontaties, agressie en een grotere verdeeldheid onder Bolivianen", verwoordde gouverneur Mario Cossi van de provincie Tarija de reden voor instemming.

Het conflict in Bolivia draait om een plan van de Morales, de eerste president van Indiaanse komaf, om de rijkdom in het land opnieuw te verdelen ten gunste van de inheemse indiaanse bevolking van Bolivia. De vier rijke en overwegend blanke provincies willen juist meer autonomie en zeggenschap over de gasinkomsten.

’s Avonds lopen we bij een winkeltje naar binnen waar we die middag een mooi Alpaca-kleed zagen hangen. We vragen de prijs en na wat stevig onderhandelen kopen we een 2 bij 1,5 meter groot, bruin Alpaca-kleed. We kunnen echter niet genoeg geld meer pinnen (daglimiet bereikt) dus beloven morgen terug te komen. We eten bij de Japanner waar we een aantal dagen geleden ook goed gegeten hebben en wederom smaakt het heerlijk. We halen de schone was op en als we in het hotel aankomen is er bericht van Chalalan dat we donderdag vroeg een vlucht hebben naar Rurrenabaque, mooi! We kijken de laatste Indiana Jones – die wel erg overdreven is – en gaan lekker slapen.

Dukkie II
BO | La Paz | 17 september 2008
Lekker uitslapen en vandaag gaan we maar wel het ontbijt bekijken. Het is lekkerder dan normaal dus het belooft een goede dag te worden. De antibiotica werkt lekker bij ons beiden en we hoeven niet meer vastgenageld aan de wc te zitten. Frans gaat het kleed kopen, maar staat voor een dichte deur. Dan maar wat prijsvergelijkingen doen en het blijkt een goede deal te zijn welke gisteravond gemaakt is.

’s Middags lunchen we bij een typisch toeristenrestaurant, maar we hebben geen zin in verkeerd voedsel. De heerlijke verse fruitmilkshake en broodje smaken goed en we lopen nog een laatste rondje door La Paz. We hebben de stad wel gezien en zijn blij dat we morgen weg kunnen om weer wat leuks te gaan doen. La Paz is sowieso geen stad om lang te blijven; de enorme drukte met mensen, auto’s en minibusjes is aanhoudend en wordt naarmate de dag vordert alleen maar meer.

We kopen de tv-serie ‘The Wire’ om wat tijd te doden en pakken heerlijk rustig onze tassen alvast in. ’s Middags als we rustig een spelletje aan het doen zijn krijgen we wederom bericht van Chalalan dat de vlucht van morgen toch niet doorgaat en men weet eigenlijk niet wanneer wel. Beetje jammer dit allemaal, want we zijn toch echt klaar met La Paz. We overdenken alle opties, amazone overslaan, vliegen vanuit Sucre of met de bus een nacht doorhalen, maar komen er eigenlijk niet uit.

Na een uurtje – Law & Order – gaan we naar het kantoor en daar geeft de dame aan dat we ook met een privébusje kunnen die er ‘maar’ 13 uur over doet. Dit is helaas de beste en betrouwbaarste optie dus we nemen hem. Gelukkig kunnen we dan ook morgen weg en we zijn blij de amazone niet over te hoeven slaan!

We gaan wederom lekker eten bij de Japanner en onderweg naar huis gaat Marijke nog even internetten alvorens we lekker willen gaan relaxen op de kamer. We krijgen echter ’s avonds nog een telefoontje van een Belg die beneden bij de balie staat om iets af te geven aan Frans de Smit. We geloven het maar nauwelijks, maar gaan toch even kijken wat er is. Het blijkt dat ‘iemand’ een dukkie heeft achtergelaten met de mededeling dat dit de vervanging is van de gestolen dukkie in Quito, Ecuador. We hebben wel een vermoeden..

Busrit from hell
BO | La Paz | 18 september 2008
Lekker lui wakker en we gaan rustig aan ontbijten en de laatste spullen opruimen. Bij het uitchecken blijken we de aangeboden limonade bij het ontbijt van gisteren ineens te moeten betalen; fijn dat ze dat van tevoren zeggen. Dit is dan ook de laatste keer dat we iets betalen wat we aangeboden krijgen zonder de mededeling dat het niet gratis is. We zullen dan ook niet teruggaan naar dit hotel als we weer in La Paz zijn.

We lopen naar een koffietent en blijken alleen tot 11:00 een heerlijke fruityoghurt te kunnen bestellen. Na onze koffie lopen we dan ook naar de overkant om een lekkere verse fruitsap te drinken en een broodje te eten. Als we bij het Chalalan bureau aankomen, blijkt onze bus van 13:30 vertraging te hebben (hadden we niet zien aankomen) en lopen we nog een extra rondje door La Paz. Rond 14:30 gaan we dan echt weg, maar als we bijna La Paz uit zijn stoppen we nog een paar keer ‘ergens’ voor en dan zijn we weer op de nieuwe snelweg richting het noorden. Normaliter hangt er wel een Maria- of Jezussticker en de geruststellende woorden ‘Dios es mi Guia’ (God is mijn gids), maar dit is in deze The A-Team look-a-like bus vervangen door Bart Simpson. Dat kan nooit een goed teken zijn.. Sowieso zijn The Simpsons hier om de een of andere reden erg populair. Als we rondzappen op de tv, zien we vaak de serie voorbijkomen.

Het geluk zit ons niet echt mee, want een paar tientallen kilometers buiten La Paz stoppen we omdat het licht het niet doet. Grappig, want de bus was in eerste instantie te laat omdat die bij de garage stond. Blijkbaar is licht maken vrij lastig, want het gehele dashboard gaat open en er komen een hoop schroevendraaiers aan de pas, maar er wordt niets opgelost. Pa na 1/1,5 uur hebben we contact met de schijnwerpers en kan alles weer dichtgeschroefd worden. We rijden door dichte mist over de geasfalteerde weg naar Coroico waar we een paar dagen geleden ook al waren. In het donker komen we na een paar uur aan en direct erna begint het echte, zware werk. Er was blijkbaar geen geld meer voor meer asfalt en we rijden nu alleen nog maar over een uitgehakte bergweg kronkelend over bergen heen. We hebben ongetwijfeld een enorme val naar beneden naast ons, maar het is zo donker dat we dat gelukkig niet kunnen zien.

We stoppen vrij regelmatig om van alles en nog wat te laten controleren, maar ook vaak om onverklaarbare redenen die alleen onze chauffeur weet. Jammer genoeg vindt hij het niet nodig die informatie te delen en wachten wij gewoon maar. Ook vind hij het extreem belangrijk dat de radio erg hard aan staat. Als we vragen – vier keer – of die wat zachter kan, krijgen we alleen een antwoord dat hij dit nodig heeft om wakker te blijven. Wij dachten dat daar het zakje cocabladeren voor was, maar dat hebben we blijkbaar verkeerd begrepen. De chauffeur heeft meerdere cd’s gekocht die vrijwel allemaal muziek bevatten a la Nederlandse volksmuziek, maar dan in het Spaans. We vermoeden dat Frans Bauer’s ¿Tienes un momente para mi? hier in één keer op nummer één zal binnenkomen.

Ineens stoppen we weer en gaat de chauffeur direct eten. Wij hebben weinig zin om te eten bij deze gegarandeerde-diarree-tent en hebben tevens geen keus in eten. De chauffeur gaat eten en wij moeten maar een stadje verderop gaan eten; lekker efficiënt.

Drie uur later komen we in die stad aan en blijkt een identieke situatie te hebben; geen keus en het ziet er niet echt hygiënisch uit. Dan maar Pringles en chocolade, we halen de schade wel weer in. De nacht duurt maar en duurt maar en samen met de verschrikkelijke muziek en de hobbelige auto die lang niet altijd zin heeft om door te rijden (de stroom valt af en toe ineens weg?!), hebben we ook nog eens twee jonge kinderen waarvan de jongste direct gaat huilen zodra de auto stil staat – en dat gebeurt nogal vaak.

Wat is het hier heeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeet
BO | Rurrenabaque | 19 september 2008
Het wordt alweer licht als we enigszins in de buurt komen van onze eindbestemming. De geplande autorit van 13:30 t/m 02:00 ’s nachts duurt in werkelijkheid van 14:25 t/m 09:30. We zijn eindelijk in Rurrenabaque en via het Chalalan kantoor ter plekke belanden we in ons Hotel Oriental. Om 09:40 ploffen we eindelijk neer en zijn we er!

Uiteraard zijn we helemaal kapot; we hebben nauwelijks geslapen en doezelen we al snel weer weg. ’s Middags gaan we het dorpje maar eens bekijken. Met zo’n 15.000 inwoners is Rurrenabaque maar een klein gehucht eigenlijk waar de straten breed zijn voor niets. Er zijn weinig auto’s en het zijn vooral brommers en motoren die hier de boventoon voeren. Je kunt ook gewoon over de weg lopen en dat doet iedereen dan ook. Rondom drie straten zijn alle toerbureau’s gevestigd die nog slachtoffers zoeken voor roers naar de jungle of de pampas. Dit plaatsje ligt handig precies tussen de amazone en de pampas die uiteindelijk uitkomt in de Pantanal in Brazilië. Aangezien we daar al geweest zijn en het programma identiek is, slaan we die nu over.

Ook maken we weer eens een tropische hitte mee. Rurrenabaque – of ‘Rurre’ – ligt aan de rand van de amazone en het tropische regenwoud zorgt voor 30+ temperaturen. We eten bij een Italiaan en lopen naar het kantoor van Chalalan voor de laatste informatie. “Voor de vluchten ziet het er goed uit voor over vier dagen”, probeert onze gids ons gerust te stellen als we zeggen dat we echt niet hetzelfde stuk terug willen met de auto. Voorderest is het vooral informatie wat we morgen gaan doen. We zien dat we met twee Australiërs gaan die we daarna gelijk tegenkomen in ons hotel. Zij zijn vandaag hierheen gevlogen wat ons een beetje depressief maakt. Als we dus een dag extra hadden gewacht hadden we de helse rit van 20 uur kunnen omruilen voor een snelle vlucht van 50 minuten..zucht.

Wat kan je doen om verder af te koelen als je dat nodig hebt? Juist, we lopen naar het enige publieke zwembad in Rurre en plonsen heerlijk in het grote zwembad. Na een uurtje hebben we het wel weer gezien en relaxen we nog wat op de kamer.

We hebben overal ‘happy hours’ gezien en daar gaan we nog wel even gebruik van maken. We stappen de gezelligste bar/restaurant in en gaan poolen. Met drie happy hour drankjes – alcoholvrij, want dat mixt beter met onze antibiotica – en een uurtje pool verder sluiten we de avond af in ons hotel.

Regen in het woud
BO | Amazone | 20 september 2008
Vandaag gaan we dan toch echt de Amazone in. We staan vroeg op rond 06:15 om alles goed in te pakken en ontbijt te eten. We worden keurig opgehaald door onze gids en we lopen een klein stukje naar de ‘pier’. Hier is dat natuurlijk niet meer dan een plek waar toevallig veel boten bij elkaar liggen. We moeten wachten op een Amerikaans stel die niet voldoende briefing hebben gekregen en te laat zijn. Iets na 08:00 kopen we onze tickets voor het Madidi National Park en zijn we op weg. De lucht is grijs en na een half uurtje knalt die open voor een tropisch regenwoudbuitje. We varen een behoorlijk stuk diep het amazonegebied in en breken de rit door midden voor een meegenomen brunch. Het regenen is alweer gestopt en we merken dat het iets te lang droog is geweest dit seizoen. De rivier is soms zo ondiep dat we vastzitten op de keien en dan moet er hard getrokken worden aan de boot om ons weer los te kweken.

We zien vele vogels rondvliegen die veelal aan het jagen zijn en worden tevens beloond met een klein hertje en een capibara die beiden langs de waterkant liggen te bakken. Na ruim zes uur varen komen we aan in Chalalan en lopen we nog een half uurtje om bij de huisjes te komen. Hier zien we de eerste trein met rode mieren al voorbij lopen die een flatgebouw aan het bouwen zijn. Als we onze kamer krijgen, blijkt dat Chalalan het een heel stuk beter voor elkaar heeft dan de Braziliaanse buren in het Pantanal. De kamers zijn uitstekend, ruim opgezet en heel modern ingericht met alle gemakken. Helaas is er geen heet water en weinig elektriciteit, dus lekker douchen en alle stroomslurpende apparaten opladen, zit er niet echt in.

We eten gezamenlijk lunch en gaan nog een uurtje lopen in het omliggende bos. We lopen lekker, maar zien, afgezien van een slapende uil, niet echt veel bijzonders anders dan een immens uitgestrekt bos. Om 19:30 schuiven we aan bij het diner en ook dat is weer bijzonder lekker. Direct erna gaan we voor onze nighthike. Dit is niet meer dan een kleine wandelroute, maar dan in het donker. We beginnen nog in het complex zelf waar een groene slang bovenin een boom opgekruld ligt te hangen. We lopen een kwartiertje en, afgezien van de vele bizarre geluiden in het oerwoud, zien nog niet veel. We gaan vlak naast een slootje staan en de gids gaat wat zitten porren in een van de aanwezige kleine gaten. Ongeveer direct komt een enorme tarantula uit het gat zetten en gaat geïrriteerd aan de stok zitten morren. De tarantula komt nog een paar keer agressief tevoorschijn voordat wij hem/haar met rust laten. Iets verderop ligt een pad, alsof hij net is overreden, plat en stil in het water totdat het eten vanzelf naar hem toekomt gezwommen; lui beest! Direct daarnaast zit een groene kikker met de voeten opgetrokken op een blaadje. We lopen weer terug en zien nog een sprinkhaan met enorme voelsprieten die alle kanten opgaan alsof hij aan het scherpstellen is op een radiostation.

Als we terug zijn gaan we gelijk naar bed om nog een beetje bij te slapen.

Wandelen door de dierentuin
BO | Amazone | 21 september 2008
Om 06:40 gaat de wekker en niet veel later zitten we aan het ontbijt. Het is een buffet en erg overdadig aangekleed. De fruitsappen en koekjes zijn lekker, maar helaas het brood niet echt. Als we na het ontbijt naar het meer toelopen, zien we nog de mist optrekken van het water; erg mooi! We gaan vanochtend vijf uur wandelen en zijn benieuwd wat we allemaal gaan tegenkomen. We stoppen bij een termietennest die aangeplakt tegen een boom hangt en iets verderop hangt een enorm spinnenweb die blijkbaar van honderden spinnen is. Vele kleine rode spinnetjes werken samen om een enorm bouwwerk te creëren waar kleine vogeltjes en insecten vanzelf in vast komen te zitten wat weer eten voor maanden betekent voor de spinnen. Tussendoor krijgen we van onze gids erg veel informatie over waar de bomen en planten voor gebruikt worden bij de inheemse bevolking; veelal medicinaal.

Iets verderop zien we weer een klein holletje waar onze gids weer in gaat zitten prikken. We verwachten een geïrriteerde spin, maar er komen gigantische mieren uitzetten die allemaal een beetje verward rond gaan krioelen. Na een poosje rondgelopen te hebben, valt op dat er vooral veel vogels veel herrie maken in de Amazone. De bomen zijn zo hoog dat het moeilijk is om vogels te spotten, maar de muziek die ze maken is ook al leuk. We horen ineens een soort klikgeluid achterelkaar en worden gesommeerd te stoppen. Het blijkt een kudde wilde zwijnen te zijn en dat is aan de geur al duidelijk te herkennen; het stinkt enorm! We worden in de gaten gehouden door de leider en we zien meerdere zwijnen het pad oversteken waar wij over lopen. We zien ineens een wandelend blad naast ons en iets verderop nog een verstokte vlinder die ook al op een oud blad lijkt.

Plotseling horen we de bladeren hoog in de boom tekeer gaan. Het blijken brulapen te zijn die van boom naar boom springen met een paar tegelijk en wij kunnen ze een poosje volgen. Op een gegeven moment weet je niet meer wie naar wie kijkt, want ook wij worden nauwlettend in de gaten gehouden door de apen. Als we onderweg terug zijn, horen we wederom hetzelfde klikgeluid en blijkt een nog veel grotere groep wilde zwijnen ons pad te kruisen. We wachten geduldig en kunnen na een poosje terugkeren naar de lodge.

We genieten weer van onze lunch en rusten een paar uurtjes alvorens we om 16:00 weer in de boot op het meer zitten. Gemoedelijk dobberen we rond het meer en direct zien we twee oogjes van een klein kaaimannetje. Iets verderop horen we de alarmbellen al van een soort kruising tussen een pauw en een kip. We dobberen verder en zien een paar vogels en een dikke kaaiman rondzwemmen in het meer. Op een gegeven moment zien we ook hier de bovenste bladeren heen en weer gaan en horen we erg veel herrie recht voor ons. Een hele horde kapucijnaapjes komt ons tegemoet; de gele en de bruine erachteraan. We kunnen ze volgen voor een half uurtje en zien de aapjes pijlsnel van boom naar boom springen met een geweldige accuratesse.

Na een uurtje gaan we terug en relaxen we op de kamer voordat we weer aanschuiven bij het diner om 19:30. Dit keer een speciale maaltijd, want we hebben een soort traditionele avond in Chalalan. We krijgen traditioneel klaargemaakte vis, erg lekker, en naderhand nog een show met dans en muziek. Tussendoor echter worden we nog verwacht in de kano om een rondje over het meer te varen op zoek naar kaaimannen.

We stappen in het bootje en varen rond. Gewapend met zaklampen is het gemakkelijk zoeken naar de reflecterende ogen van de kaaimannen. We zien er echter niet zo gek veel en ze zijn ook nog eens vrij klein. Aangezien we in de Pantanal al erg veel – veel grotere – kaaimannen gezien hebben valt dit een beetje tegen. Als we terugkomen hebben we geen zin meer in dans en muziek en gaan we lekker naar onze ecolodge.

Longen van de aarde
BO | Amazone | 22 september 2008
We mogen een keertje uitslapen en zijn rond 08:30 aan het ontbijt. We zijn blijkbaar de laatste die op zijn, want erg veel is er niet meer over. De Amerikanen met wie wij alles samen doen zijn er helemaal niet en worden gewekt door de gids. Na 09:00 zijn we op weg voor een wandeling van een paar uur. Het is, anders dan de eerste twee dagen, onbewolkt en erg heet. We vonden het opmerkelijk dat het niet zo heet was in het tropisch regenwoud, maar nu krijgen we alsnog de hitte over ons heen. We lopen door dichtbegroeid regenwoud en zien en horen weer van alles om ons heen. Veel vogels weer en vele verschillende soorten bomen en planten. We komen aan bij een nieuw uitkijkpunt en als we omhoog klauteren hebben we een fantastisch uitzicht over een flink stuk regenwoud inclusief het meer waar wij aanzitten; adembenemend.

Teruglopend worden we twee keer tot stoppen gemaand door de gids aangezien er een kudde wilde zwijnen wil oversteken. De kuddes zijn over het algemeen vrij agressief en ze zijn altijd met vrij veel. Eén keer komt een groot zwijn achter ons staan en huffend en puffend lijkt het wel alsof hij ons uitdaagt. Ook zien we weer brulapen langs vliegen en halen we nog een kleinere tarantula uit haar hol.

’s Middags gaan we na de lunch luieren in de hete zon. We bezetten de hangmatten in het complex voor een paar uur waarna Marijke een duik neemt in het meer. Het meer is heerlijk warm, maar de onderste laag is ietwat kouder. We bekijken de video van de inheemse bevolking die Chalalan gemaakt hebben en dat is nog verrassend leuk. Het is ietwat gedateerd en we geven het advies een nieuwe te maken. Direct erna stappen we weer in de boot om op het meer te gaan varen. We bekijken de kapucijnaapjes die weer ondeugend heen en weer slingeren in de bomen. Ze springen van links naar rechts en kruipen van boven naar beneden en maken daarbij leuke geluiden. Na een half uurtje aapjes kijken gaan we avondeten.

’s Avonds gaan we nog voor een laatste nachtelijk uitstapje en halen we weer een tarantula uit haar hol. Verder dan een bijzonder grote vlinder en een groot uitgevallen kikker komen we echter niet en we gaan terug naar onze kamer. We hebben vernomen dat we vroeg het vliegtuig moeten hebben en daardoor erg vroeg op moeten staan.

Vliegensvlug
BO | Amazone/La Paz | 23 september 2008
Om 06:00 gaat de wekker en we ruimen snel alles op om naar het ontbijt te gaan. De Amerikanen zijn iets te laat en blijkbaar gaan er ook nog Australiërs mee in onze boot - en die zijn nog later. We lopen een half uurtje naar de boot en gassen niet veel later over de rivier op weg naar Rurrenabaque. We gaan een stuk sneller met de stroom mee en bij alle ondiepe stukken zetten we gewoon de motor uit om de stroming het werk te laten doen. Na zo’n drie uur zijn we dan ook al in Rurrenabaque en lopen we naar het kantoor om het busje te pakken naar het vliegveld.

Vliegveld is een groot woord, want we komen aan en zien een ‘landingsbaan’ van gras en de terminal is in een oogopslag volledig te bekijken. Na een half uurtje land er een vliegtuigje en gaan wij erin met nog een paar toeristen. Een klein vliegtuigje is altijd leuk voor de turbulentie en meerdere malen ‘zakken’ we in de lucht waarbij de maag nog hoger voelt. Na nog geen uur zetten we de landing in en zijn we in La Paz. Frustrerend om te weten dat we nu in nog geen uur dezelfde afstand hebben afgelegd als de 20-uur durende nachtmerrie rit van een aantal dagen geleden. We pakken de tassen en informeren gelijk naar een vlucht hier vandaan. We willen naar Sucre en dat is een 14-urige busrit. We hebben eigenlijk geen zin in weer een nachtbus – die hier niet zo fantastisch zijn – en willen ook geen dag langer in La Paz blijven dan nodig; we hebben al genoeg dagen hier gezeten. Helaas gaan er alleen vluchten ’s ochtends naar Sucre en we kopen een ticket voor morgen.

Lunchen doen we bij de Burger King, dat moet kunnen na vier dagen uitstekend gegeten te hebben in Chalalan. We pakken een taxi en checken in bij Hospedaje Milenio voor 29 bolivianos pp/pn (€3,06) voor een nacht en gaan heerlijk (warm!) douchen. We werken de website bij en uploaden de site en lopen weer een rondje door La Paz. ’s Avonds eten we bij een Indiër lekkere curry en willen we eigenlijk ergens wat lekkers gaan drinken. We lopen door de drukke winkelstraten, maar een bar is simpelweg niet te vinden – gat in de markt voor gelukszoekers. We belanden op het Plaza de Murillo met een heeeeeerlijk ijsje en besluiten de dag relaxed in het hotel.

Heimwee
BO | La Paz/Sucre | 24 september 2008
Vroeg op, want we hebben een vlucht te halen en willen nu toch echt weg uit La Paz. We gaan bij de ontbijttafel zitten, maar het feit dat wij wellicht honger zullen hebben, dringt niet door bij de aanwezige tafeldame. Toch krijgen we uiteindelijk ontbijt en pakken we direct erna een taxi naar het vliegveld. Alles gaat gesmeerd en we zitten om 10:00 netjes in het vliegtuig van Aerosur. We stijgen op, hebben een fantastisch uitzicht over een wijdse bergketen met spierwitte toppen, geven drie keer gas en zetten de landing in naar Sucre.

We gaan vandaag van hoofdstad naar hoofdstad. Hoewel La Paz beter bekend staat in de wereld als hoofdstad, vinden ze hier in Sucre dat de meest belangrijke zaken nog steeds in Sucre zijn en dat dit dus de belangrijkste hoofdstad is van het land. Tevens staat de stad bekend als ‘De Witte Stad’. Dat vonden ze in Arequipa (Peru) ook al, maar ook hier zijn de belangrijkste gebouwen in het wit gefabriceerd.

We nemen de taxi naar Hostal Veracruz en checken in in een oude verragde kamer, maar wel erg goedkoop (€8,- pk/pn). Als de reglementen van het hotel dateren uit 1975 weet je eigenlijk al genoeg. Het Plaza 25 de mayo ligt er prachtig bij en er omheen vele – witte – regeringsgebouwen en een prachtige kerk. Er vlakbij ligt café/restaurant Joyride waar we onze lol op kunnen. Joyride is een café van een Nederlander en die heeft de Nederlandse menukaart meegenomen. Wij hebben heimwee naar een witbiertje, lekkere patatjes en kroketten; allen normaal gesproken niet te krijgen in dit hele continent. Na dit feestmaal lopen we een stuk naar het busstation om kaartjes te kopen voor Potosi de volgende dag.

Sucre mag zichzelf dan wel belangrijk vinden, maar er is eigenlijk bar weinig te doen in en rondom Sucre. De ‘dinotruck’ rijdt langs ’s werelds grootste dinosaurusafdrukken en in de buurt kun je mountainbiken o.a. naar watervallen. Het Dinopark is een compleet park om voetafdrukken van dinosauriërs gebouwd, maar komt ons iets te bekend voor, want dit hebben we vorig jaar in Cuba nog gezien en was niet ons ding. Mountainbiken heeft ook weinig zin, want het beloofd slecht weer te worden en het water valt niet zo lekker in het droge seizoen.

’s Avonds eten we wederom lekker bij restaurant Joyride en drinken we nog een lekker witbiertje aan de bar erna. Daarna zit de dag er alweer op.

De allerhoogste stad
BO | Potosi | 25 september 2008
07:30 gaat de wekker wee
r. We ruimen alles op en verlaten onze kamer in Sucre. We pakken de taxi naar het busstation en krijgen gelijk te horen dat de bus helaas iets later vertrekt aangezien er te weinig mensen zijn; 09:00 krijgen we te horen in plaats van 08:30. We geloven het niet echt, want de bus naar Potosi gaat elk uur dus het is aannemelijker dat de bus rond 09:30 zal vertrekken. We kopen een lekkere donut en gaan maar in de bus zitten. Geheel volgens verwachting gaan we rond 09:30 weg uit het busstation en bevinden we ons in het drukke ochtendverkeer van de hoofdstad. Het duurt even voordat we echt uit de stad zijn en halen hier en daar nog wat mensen op. Volgens onze LP zou de rit twee uur duren, maar na twee uur zien we nog nergens een spoor van Potosi. We komen om 13:15 aan in Potosi en pakken gelijk een taxi naar Hostal Compañia de Jesus – we voelen ons beschermd – en die hebben gelukkig plek zat.

We informeren direct bij Koala toers of we nog mee kunnen met de mijntoer, maar dat gaat vandaag niet meer lukken. Frans boekt direct voor de dag erna, Marijke gaat hoogstwaarschijnlijk niet mee vanwege wat moeite met kleine, benauwde, warme ruimtes.

We lopen naar de busterminal om te informeren naar bustickets naar Uyuni, maar er blijkt maar één maatschappij te gaan helaas. We kunnen om 12:00 en 19:00, maar bij die laatste optie kom je om 02:00 ’s nachts aan..bwegh. We kunnen nog niet beslissen en wachten nog even met kopen. We hebben geïnformeerd bij hotel/toerbureau Toriño in Uyuni of we daar kunnen blijven en of we met hun de ‘Salar de Uyuni’ toer kunnen doen en willen eerst dat antwoord afwachten. Om 02:00 ’s nachts een hotel zoeken voelen we niet veel voor.

We lunchen bij een lokale tent en daarna lopen we een rondje door Potosi en zien een gemoedelijk stadje met een mooi centraal plein voor ons. We doen wat inkopen – lees: eten en drinken – en relaxen nog wat op de kamer. ’s Avonds eten bij de Italiaan en gaan we heerlijk lang douchen in onze fantastische douche.

Beetje benauwd
BO | Potosi | 26 september 2008
Na de wekker gaan we ontbijten wat we morgen zeker zullen overslaan; alles is vies. We vinden wel weer wat anders. Vandaag gaat Frans op een toertje naar de mijnen terwijl Marijke achterblijft en wat tijd voor haarzelf heeft. Potosi is een rare stad vol historie – veel rijkdom en veel ellende. Sowieso is dit de hoogst gelegen stad ter wereld op 4.060 meter hoogte. Met deze hoogtes is het leuk om te weten hoe je je voelt als je straks oud bent; moe na iedere stap.

Een herder heeft in 1545 zilver ontdekt in de Cerro Rico. De Cerro Rico is een berg die hoog boven Potosi uitsteekt en vol zit met zilver en andere edelmetalen. Toen de Spaanse veroveraars hier achter kwamen, brak de hel los. Indianen werden gedwongen in de mijnen te werken en toen men erachter kwam dat die niet hard genoeg konden werken, werden slaven uit Afrika geïmporteerd. De Spanjaarden werden er rijk door en de hardwerkende mensen werden hierdoor systematisch uitgemoord. In 1650 was Potosi de grootste stad ter wereld met 160.000 mensen en een brug kon gebouwd worden van puur zilver van Potosi naar Madrid van al het zilver wat uit deze ene berg gehaald was.

Tegenwoordig is het nog steeds rijkdom en ellende. Kinderen vanaf 8 jaar zijn al in de mijnen aan het werk en de levensverwachting van iedereen die dagelijks in de mijn werkt is 45/50 jaar. Er zitten zoveel giftige gassen in de mijn dat iedereen longziektes krijgt. Toch werken er tienduizenden mensen in de mijn die allemaal hopen die ene grote zilverschat uit de berg kunnen halen waarmee ze zo rijk zijn dat ze nooit meer hoeven te werken. Helaas sterven er niet alleen mensen door longziektes, maar elk jaar ook nog eens 30 à 40 mensen door instortingen..

Om 08:30 staat Frans klaar bij het toerbureau. We wachten nog even op wat mensen van een hostal en zijn al snel op weg naar de mijnen. We stoppen iets hogerop om onze kleren aan te trekken. Compleet ingepakt zijn we klaar voor de barre omstandigheden die er blijkbaar in de mijn zijn. Iets verderop is de markt van de mijnwerkers waar alles te koop is wat men nodig zou kunnen hebben. We krijgen een goede uitleg wat waarvoor is en hoe het er ongeveer uit gaat zien en we kopen wat spullen. We kopen soda, cocabladeren, alcohol (98%!!!!) en dynamiet om aan de mijnwerkers te geven  - een soort betaling dat we mogen meekijken – en kopen voor onszelf natuurlijk ook dynamiet om op te blazen! Toch bizar om te weten dat, zonder enige toezichthouding, je gewoon dynamiet kan kopen bij iedere winkel aan deze weg voor €1,80. Weer iets later stoppen we bij een van de vele raffinaderijen die Potosi rijk is. Hier worden de stenen verpulverd tot stof en met chemicaliën worden de verschillende metalen gescheiden.

Dan gaan we toch echt de mijn in. Afgezien van de ingang is er nauwelijks ruimte om compleet rechtop te lopen (voor Europeanen dan, de Bolivianen hebben dit probleem niet). Er zijn zes lagen in deze berg die allemaal beneden laag één zijn. De bovenste laag van de berg is al uitgemolken en men begint nu naar beneden te hakken op zoek naar meer metalen. We lopen eerst naar een klein museumpje onder de grond waar we vooral kennismaken met de mijngod ‘El Tio’. Dit is een duivelachtig persoon (altijd blank..hmm) die men aanbid voor goede vondsten in de berg. Er worden dan ook vele offers gegeven aan deze ‘god’ en El Tio wordt dan ook omringd door vele cocabladeren, een leeg alcoholflesje en een sigaret in zijn mond. Tevens een zeer bizarre poster uit de tijd van de slavenhandel. De tekst is ongeveer zo:

Te koop:: 94 goede, gezonde negroïden net binnengekomen uit Sierra Leone

De landen staan eronder die aan deze slavenhandel meededen en helaas staat Nederland er vrolijk bij.

We stoppen verderop bij een station waar het puin naar boven wordt gehaald en verder doorgesluisd wordt naar een andere kamer. Het immens zware werk wordt onder barre omstandigheden uitgevoerd en we hebben alleen maar respect voor deze mensen. Hierna gaan we twee niveaus naar beneden waar het nog veel erger wordt. Zuurstof wordt schaarser, het stof wordt meer en er komt wat meer warmte bij. Het duurt niet lang voordat iedereen op z’n minst een beetje benauwd is en dan moeten we ook nog eens vaak kruipen door de gangen om ergens te komen. We zien iemand een gat maken precies groot genoeg om dynamiet in te stoppen. Ondertussen horen we onder ons meerdere explosies en zijn we erg blij als alles een beetje heel blijft.

In niveau drie zijn alleen nog mensen aan het werk die alles met de hand doen. Het puin wordt met een ton tegelijk in de mijnwerkers wagentjes geladen en getrokken en geduwd naar het punt waar het omhoog kan worden gehesen. Aangezien we met drie Engelsen en vier Nederlanders zijn in deze groep, maken we een kleine competitie wie het snelst een rubberen laadbak kan volmaken. Uiteraard winnen de Nederlanders, maar om ook nog eens inspanning te leveren in deze omstandigheden valt niet mee. Na zo’n twee uur zijn we uit de mijn en erg blij met deze ervaring. We hebben nog twee dynamietstaven over en gaan daar leuke dingen mee doen. We steken de lonten aan en laten de twee staven rondgaan om een foto te maken. Hierna rent de gids de andere kant op en een minuut later knallen we tweemaal heel Potosi wakker uit hun siësta. De mijntoer is een niet-gezonde eenmalige ervaring, maar wel een superbijzondere en een die lang zal bijblijven.

Marijke heeft diezelfde ochtend even lekker met huis gebeld en gerelaxed op de kamer. Frans komt binnen met naar-mijn-stinkende kleding en gaat uitgebreid douchen. We gaan gelijk lunchen in een café op het grote plein en kopen bustickets voor de volgende dag naar Uyuni. We doen nog wat boodschappen en rusten even uit op de kamer. Dineren doen we heerlijk bij restaurant 4.060 en hierna wachten we even op medetoeristen. We hadden afgesproken met de mensen van de mijntoer om om 19:00 wat te gaan drinken, maar er komt niemand opdagen. Dan gaan we zelf nog maar lekker een biertje pakken in Café La Plata. Hierna ruimen we wat op en relaxen we op de kamer.

Wat duurt dat allemaal laaaaaaaaaaang
BO | Potosi/Uyuni | 27 september 2008
Na de wekker checken we uit en gaan we, zonder ontbijt te eten, naar het centrale plein. We willen ontbijten bij de tent waar we gisteren gegeten hebben, maar ze zijn niet open. Vreemd omdat we weten dat ze ontbijt hebben, maar 08:30 is blijkbaar te vroeg voor de Bolivianen. We zoeken tevergeefs naar een restaurant dat wel open is en gaan maar naar het busstation. Als we daar zijn, lopen we rond om wat te eten te kopen en vragen we waar de bus komt. Er is niets (normaals) te eten en de bus die we hebben gereserveerd komt hier helemaal niet. Handig dat de toerbureauvrouw dat even verteld heeft. We lopen vier blokken terug en zien ineens een hele reeks busmaatschappijen staan die allemaal naar Uyuni gaan. We zitten hier goed en gelukkig kunnen we wat fruit kopen voor de busrit.

Rond 10:15 vertrekken we en zijn we heerlijk op weg. Tijdens de busrit gaat alles bijzonder traag om de één of andere reden. We stoppen vaak om te kletsen met iemand en om nog vagere redenen en gaan ook tussendoor nog lunchen. We vroegen hoe lang de busrit zou duren en hoewel het antwoord zes uur was komen we na ruim zeven uur aan in Uyuni vlakbij het centrale plein. Onderweg hebben we wel een paar keer mooie landschappen gezien. De bruine bergen zien er wat dor uit, maar de hoogte en verre uitzichten maken het toch een mooi landschap. Ook zien we weer wilde lama’s en vicuñas rondhobbelen.

We proberen de weg te vinden in Uyuni, maar zonder straatnaambordjes is dat een uitdaging. We belanden toch uiteindelijk bij Hostal Marith waar we een kamer hebben voor Bs 100. We zijn krap 15 minuten in Uyuni en hebben nu al door dat je hier niet langer moet zijn dan absoluut nodig. Het is een dorpje van niets wat er desolaat en saai bij ligt, en er zijn nauwelijks faciliteiten voor de welwillende toerist. De enige reden waarom iedereen hier heen komt is om een toer te boeken naar Salar de Uyuni wat vlakbij ligt. De zoutvlaktes zorgen voor een storm aan toerbureau’s waarvan er vele vrij slecht schijnen te zijn. We hebben sowieso al erg veel slechte verhalen gehoord over verschillende organisaties en willen voor een veilige keuze gaan; desnoods iets duurder. We vragen het bij Tonito tours, maar die hebben nog geen auto vol. Dat betekent dat we wel kunnen boeken, maar als er niemand bij komt, moeten wij de hele auto betalen à US$600. We zijn natuurlijk niet gek geworden dus lopen verder naar Colque Tours; ook een aanrader in de LP. Deze vinden we direct al goed en we kunnen mee voor de normale prijs van Bs 650 (€ 68,-) pp. We boeken direct en zijn gerust dat we morgen weer weg kunnen op een mooie trip.

We gaan eten bij Minuteman. Een supertoeristische tent, maar ze schijnen er erg lekker eten te hebben. Wij proberen een pizza en een Calzone (dichtgeklapte pizza) die beide inderdaad erg goed smaken! We relaxen nog even op de kamer, maar we ervaren de vrieskou die over Uyuni valt als de zon weg is. We hebben gelukkig extra dekens, maar de kamer is zo koud dat we gewoon weer terug gaan naar Minuteman en we een heerlijke cappuccino met chocoladetaart naar binnen werken.

Als we dan uiteindelijk weer teruglopen naar de kamer gaan we gelijk onder de dekens.

Wat hoort er bij peper?
BO | Uyuni | 28 september 2008
Als we wakker worden zorgt de opkomende zon voor een iets warmere omgeving dat ijskoud. We ruimen op en checken uit om weer naar Minuteman te gaan. We kiezen voor de drie pannenkoeken met appel, banaan en stroop en het smaakt wederom heerlijk! We proberen een exitstempel te halen bij Migracion, maar dat is nog niet makkelijk.

Ten eerste moeten we ineens een exitbedrag betalen. Dit is regelrechte onzin weten we al en zelfs onze LP zegt dat dit kan gebeuren, maar dat het niet de bedoeling is. Het bedrag wat gevraagd wordt is Bs 21 pp en als we met 100 willen betalen, geeft de man doodleuk aan dat er geen wisselgeld is en dat wij dat maar moeten regelen. Lekker behulpzaam deze overheidsinstantie. We vragen het nogmaals na bij ons reisbureau en dit exitbedrag wordt alleen bij deze grensovergang geëist en geïnd. Tevens is het de normaalste zaak van de wereld dat niemand hier ooit wisselgeld heeft. Dit is op zich al vreemd, maar als je bedenkt dat een winkel – of blijkbaar overheidsinstanties – geeneens wisselgeld heeft voor bedragen onder de €10,-, vraag je je al wat minder af waarom de meeste zaken in dit land niet zo soepeltjes lopen.

We droppen onze spullen bij ons toerbureau en gaan nogmaals proberen een exitstempel te halen. We hebben wat geld gepind en met frisse tegenzin betalen we het exitbedrag – anders komen we toch echt in de problemen bij de Chileense grenspost – en wensen onze corrupte douaniers veel stikplezier toe in ons geld. We lopen nog een rondje door Uyuni en drinken nog wat in de lekkere zon die inmiddels lekker schijnt. Na 11:00 nemen we onze intrek in onze 4x4 truck en gaan we op weg met onze Salar de Uyuni toer. We zitten met twee Brazilianen, een Chinese Australiërs en een Israëliër en daarmee is de auto vol.

Drie kilometer buiten de stad stoppen we bij het treinenkerkhof. Er staan vele treinen kapot te roesten die overbodig zijn verklaard of vervangen zijn door een ander vervoersmiddel. Het geeft een leuk beeld, maar het is eigenlijk triest dat dit niet opgeruimd wordt. We spelen een kwartiertje met de treinen en gaan op weg naar de zoutvlaktes. We rijden weer en zien na een poosje precies waarom sommige toertjes goedkoper zijn dan anderen. Er wordt veel met prijzen gestunt in Uyuni, maar dit gaat ten koste van de service die geleverd wordt aan de toeristen. Als het substantieel goedkoper is, betekent dit waarschijnlijk dat er geen kok meegaat of dat er minder onderhoud gepleegd wordt aan de auto’s. We zien een auto met panne langs de weg en wat hulpeloze toeristen die onze chauffeurs hulp roepen. De remmen deden het niet meer – niet geheel onbelangrijk – en dit wordt ter plekke gemaakt. Het schijnt voor deze toeristen al de tweede auto te zijn aangezien de eerste Uyuni niet eens uit kwam. Binnen een kwartier is het al gemaakt en we zijn blij dat wij in een blijkbaar betere auto zitten. Vlak voordat we echt op de zoutvlaktes gaan, stoppen we in Colchani om wat souvenirs te bekijken. Er wordt van alles gemaakt van zout, maar het is niet leuk genoeg om te kopen. We zien wat zouthoopjes achter de huizen liggen en zijn benieuwd hoe dit verwerkt wordt.

Eenmaal op de zoutvlaktes duurt het niet lang voordat we alleen maar wit om ons heen zien met wat bergen op de achtergrond. We stoppen bij het zouthotel wat uiteraard volledig uit zout bestaat. Binnen zijn er niet alleen kamers om in te slapen, maar ook wat sculpturen van een aantal dieren en dingen; vooral de Big Ben is leuk om te zien. We lopen naar buiten om naar het zout zelf te kijken en vooral de eindeloosheid ervan is indrukwekkend en prachtig om te zien.

Verderop stoppen we bij het vulkanische eiland Incahuasi. Niet alleen steekt het eiland af tegen het oneindige wit, maar op het eiland staan ook nog eens torenhoge reuzencactussen. Deze kunnen ruim 1000 jaar oud worden en bovenop het eiland hebben we een mooi uitzicht over de omgeving. Het lijkt wel alsof de witte zoutvlakte één grote ijspiste is klaar om over te langlaufen.

We lunchen hier en dat is helaas maar middelmatig lekker. Hopelijk wordt dit nog iets beter gedurende de trip, want alle maaltijden zijn inclusief. Vlak na deze stop, stappen we uit bij een onaangetast stuk zoutvlakte. Vooral hier zijn de uitgestrekte zoutvlaktes prachtig en zijn de ‘gekraakte’ stukken zout goed te zien. Hierna rijden we vrijwel direct door naar ons Hostal waar we met z’n allen inchecken in een zespersoonskamer. We proberen allemaal te douchen, maar dat lukt helaas niet met de warme douche. Bij navraag blijkt dat het warme water maar een uur aanstaat en dat hebben we met z’n zessen niet gered. We gaan eten rond 20:00 eten met z’n allen en dat was best lekker! Als we bijna klaar zijn met eten komt de bedrijfsleider melden dat het warme water aanstaat en Frans springt er gelijk onder aangezien hij de enige nog was die nog niet had gedoucht. Rond 22:00 gaat de elektriciteit uit en dan houdt alles simpelweg een beetje op hier. We gaan dus lekker slapen!

Meren en Flamingo's
BO | Uyuni | 29 september 2008
Om 06:00 gaat de wekker en blijkbaar heeft niemand zin om op te staan. We frissen ons allemaal een beetje op met het aanwezige erg koude water en zitten om 06:30 aan het ontbijt. Bepakt vertrekken we erna voor nog meer bezienswaardigheden. We stoppen na een uurtje in San Juan de Rosario en we vragen ons af wat we in dit gat doen. We kunnen gelukkig naar de wc dus het was toch nog nuttig. Iets buiten het dorpje ligt ‘Necropolis’. Necropolis is een begraafplaats gemaakt uit natuurlijke rotsen en het geheel ziet er nogal raar uit. Middenin koraalachtige rotsen is een gat gemaakt en liggen allerlei botten en soms wat potten en kleding in de schaduw. We lopen een rondje en rijden weer verder. Onderweg komen we weer een wagen met pech tegen en ook die helpen we even op weg. Wij hebben blijkbaar een chauffeur die goed verstand heeft van auto’s. Iets verderop zijn we bij een nog actieve vulkaan met daarvoor natuurlijk gevormde, vage rotsen. We lopen rond en hebben mooie uitzichten met de vulkaan op de achtergrond en een blauwe lucht met wat kleine wolkjes. Ook zijn er rotsen waar zodanig mos op groeit dat het lijkt alsof het groene rotsen zijn.

We rijden een flink stuk verder en dan begint ons merenavontuur van deze toer. We starten bij Lago Cañapa en als we naar het meer toe rijden, zien we de roze flamingo’s al rondfladderen en eten zoeken. We stappen uit en genieten van het fantastische uitzicht met de flamingo’s, de bergen op de achtergrond en het mooie meer zelf. We eten onze lunch bij dit meer – wat ook best lekker is – en als we willen wegrijden staan een vos en de meeuwen al klaar om de restjes op te pikken. Aan de andere kant van deze berg ligt het tweede meer; Lago Hedionda. Hier staan vicuñas ons al op te wachten evenals wederom vele flamingo’s. We lopen rond het meer en maken mooie plaatjes van het landschap en de aanwezige flamingo’s. We rijden weer door en passeren nog een aantal meren en wordt het landschap droger en droger totdat we gewoon echt in de woestijn zitten. We komen uit bij de Piedra de Arbol. Deze ‘stenen boom’ wordt bijgestaan door nog wat andere vage stenen bergen die allemaal anders gevormd zijn. Eromheen hebben we eindeloos zand en een aantal bruine bergen.

Tegen het einde van de dag komen we aan bij Laguna Colorada. We moeten opschieten, want de zon gaat bijna onder en dat is er niets meer te zien van de rode kleur die het meer heeft. Er zitten veel mineralen in dit meer, waaronder veel koper, waardoor het meer een rode kleur aan neemt. De weinig aanwezige flamingo’s vinden het prima, als er maar eten in zit. We proberen naar het meer te lopen, maar de drassige ondergrond maakt het vrij lastig om dichtbij te komen; diverse andere mensen halen een natte broek en we moeten omlopen. We bekijken het meer dan maar op afstand, want de zon is al ondergegaan als we echt dichtbij komen.

Onze tweede – en tevens laatste - nacht van deze toer was al beloofd een koude te worden. Als we teruglopen van het meer naar de huisjes, voelen we een erg gure wind die we van onze eigen wintermaanden gewend zijn. Eenmaal in de huisjes is het niet veel beter; er is nauwelijks elektriciteit, geen verwarming, geen warm water en maar net genoeg dekens om ons allemaal warm te houden. We confisqueren het enige aanwezige tweepersoonsbed (twijfelaar eigenlijk) om alvast zeker te zijn van wat (lichaams-)warmte en stellen de foto’s veilig op onze laptop. We eten in een soort lange gang met vier groepen tegelijk wat erg gezellig is en gelukkig ook nog een beetje de ruimte wat opwarmt. Als we gegeten hebben en het al aardedonker is, heeft het geen zin meer om wakker te blijven. Het is vrieskoud, te donker om maar iets te kunnen doen en worden morgen weer vroeg wakker verwacht; we gaan dus lekker slapen.

Brrrrr, wat lekker
BO/CH/AR | Uyuni/San Pedro De Atacama/Salta | 30 september 2008
De wekker gaat om 04:45. Het is ons eigenlijk niet eens duidelijk waarom we nou zo vroeg op moeten staan, maar het schijnt iets met de Chileense douane te maken te hebben. We pakken het weinige in wat we uitgepakt hebben en gaan zonder ontbijt weer op weg. Het is ijs- en ijskoud buiten en in de bus dus gooien we ons dekentje over ons heen in de bus. Onze eerste stop is een half uurtje verder bij de ‘geisers van de ochtendzon’ We zien gelijk een grote, spuitende geiser voor ons als we de geiserzone binnenkomen en in de ochtendzon is het een mysterieus gezicht als we daarachter allemaal dampende modderpoelen zien die ook als geiser door moeten gaan. Het modder gutst de kleine poeltjes uit door de kracht van inner aarde en stinkt enorm naar rotte eieren. We hebben het allemaal zo koud dat we na 10 minuten allemaal weer terugrennen naar de auto en weer op weg zijn.

Onze tweede stop van vandaag is een soort geschenk uit de hemel. We rijden naar Aguas Calientes wat vulkanisch opgewarmde warmtebronnen zijn. Als we aankomen zijn er al een handjevol mensen in het warme water en hoewel we ons moeten uitkleden in de vrieskou, staat er een lekkere, dampende, superwarme, jacuzzi-achtige bad te wachten. Als we naar binnen stappen doen onze benen gewoon een beetje zeer van het verschil in temperatuur, maar het is heeeeeeeerlijk. We blijven een kwartiertje zitten en vlak voordat we besluiten hier ons nieuwe huis te bouwen, stappen we toch maar uit om weer plaats te nemen in onze bus.

De zon komt weer door en de vrieskou maakt plaats voor wat warmere temperaturen. We rijden langs een woestijngedeelte wat eruit ziet als een Salvador Dali landschap. Zand en bergen worden bijgestaan door willekeurig geplaatste keien die uit het niets er neer te lijken gezet. Na dit vage landschap hebben we nog twee bezienswaardigheden te gaan. We rijden naar een soort dubbelmeer die ‘Laguna Verde en Blanco’ (groene en witte meer) genoemd worden. In het groene meer is een perfecte spiegeling te zien van de achterliggende berg en deze wordt door de aanwezige micro-organismen groen weergegeven. Een prachtig plaatje om te zien en aangezien we er als enige zijn, is de rust ook lekker. Ernaast ligt het ‘witte’ meer die eigenlijk lichtblauw is. Een dun ijslaagje stort de weerspiegeling dus we gaan gelijk ontbijten in het nabijgelegen complex. We nemen afscheid van de mensen die teruggaan naar Uyuni en wij worden naar de grens gebracht. We bezoeken de douane, maar de exitstempel van Bolivia hebben we al gehaald dus zijn we snel klaar. We worden met alle toeristen in een luxe, nieuwe Chileense bus gepropt en krijgen wat uitleg hoe de grensformaliteiten zijn in Chili. Die blijken apart te zijn, want de Chilenen hebben geen moeite genomen een grenspost bij de grens te plaatsen. Men wordt naar het dichtstbijzijnde plaatsje gedirigeerd – San Pedro de Atacama – en daar vinden alle formaliteiten plaats.

We rijden in een klap van zo’n 4000 meter naar bijna 2000 meter en dalen een flinke puist af richting de droogste woestijn ter wereld, de Atacamawoestijn. Onze huid weet inmiddels ook dat het hier erg droog is; om de haverklap smeren we nivea overal en nergens om schilfertjes te voorkomen. Na een uurtje komen we aan in San Pedro de Atacama en we zijn de bus nog niet uit of we worden aangesproken door een wachtende chauffeur die naar Salta gaat en of we mee willen. We vragen informatie aan onze eigen gids en die geeft aan dat de prijs normaal is (US50,- pp, pffff) en dat er alleen maar vandaag, vrijdag en zaterdag bussen gaan. We wisten al dat er weinig te doen was in San Pedro en hebben eigenlijk geen zin om hier langer te blijven dan nodig. We denken een minuutje na en besluiten direct mee te gaan naar Salta. De grensformaliteiten van Chili worden ineens een stuk eenvoudiger. We krijgen een entree- en exitstempel tegelijk van Chili in ons paspoort en onze tassen worden ineens ook niet meer 100% gecontroleerd. We stappen in de bus en zijn op weg naar Salta in Argentinië. Soms kan het snel gaan. 

De verschillen tussen de landen is voor ons nu duidelijk zichtbaar. In Chili, Argentinië en Brazilië zijn er geasfalteerde wegen, met veelal goede bewegwijzering en de bussen zijn luxe te noemen. We komen net uit het armste land van Zuid-Amerika (binnen onze reis dan) en daar is alles simpelweg net een beetje minder goed geregeld, slechter en goedkoper. We zitten heerlijk luxe in een semi-cama bus (de stoelen kunnen voor driekwart plat) en krijgen te eten en te drinken in de bus. Dat is ook wel nodig, want we worden om 21:00 pas verwacht in Salta. We rijden door prachtige gebieden en zien onderweg nog twee zoutvlaktes die weliswaar een stuk kleiner zijn, maar niet minder wit en indrukwekkend. Tevens zijn de bergen hier enorm en de valleien ook. We stoppen bij de douane van Argentinië en krijgen weer een entreestempel. De controles zijn hier blijkbaar strikter dan bij de watervallen, want we staan ruim een half uur stil voor alle controles.

<Lees verder bij Argentinië>

  Hoogtepunten

- Chalalan amazone; Rustig, fantastische ligging, leuke geschiedenis, super!
- Mijnen van Potosi; verschrikkelijk om in te werken, maar erg indrukwekkend om te zien
- Zoutvlakten van Uyuni; adembenemend om te zien

Dieptepunten

- Autorit naar de amazone. De meest verschrikkelijke 20 uur ooit besteed.
- De koude nacht tijdens de Choro-trek. Brrrrrrr

Hotel

Rond de 100 Bolivianos voor een tweepersoonskamer incl. douche

Eten

Boliviaans eten lijkt op Peruaans eten en is daarmee best lekker. Er zijn echter genoeg mogelijkheden voor Westers eten in alle steden. De lokale gerechten in de amazone waren allemaal lekker!

Cola

7 BOB

Bank

Ook hier is de BCP (zie Peru) aanwezig voor gratis pinnen. Er zijn echter genoeg andere opties die gratis de Rabobank slikken.

Post

Wij hebben een pakketje van 5 kg verstuurd voor Bs 326,--/€33,- in La Paz. Binnen een maand was deze er.

Tips

  • Mocht je graag het amazonegebied in willen; kies voor Chalalan!
  • Reizen gaat sloom. Alles duurt altijd langer dan geplanned en stakingen zijn heel normaal in Bolivia. Het is onmogelijk om een strak reisschema hier aan te houden.
  • Tijdens de uyunitour ga je het zeker koud krijgen in de nachten. Zorg voor voldoende kleren (laagjes!) en eventueel een extra deken.

 

Reis terug naar Peru

Naar foto-album

Reis verder naar Argentinië

 
© de Smit | www.wereldwijd.org | 2008-2009 | Alle rechten voorbehouden | Contact |