Djoser.nl -- Avontuurlijke reizen met net dat ene kleine beetje extra..Djoser.nl -- Avontuurlijke reizen met net dat ene kleine beetje extra..

 

     

 

  Indonesië  :  Java & Bali

 

 

Overzicht van Indonesie

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Inleiding:
Deze pagina moet de reisbeschrijving gaan worden van de Indonesiëreis van Djoser. De reis is er een van 22 dagen en loopt dwars door twee belangrijke eilanden van Indonesië zijnde Java & Bali. Van de drukke metropool Jakarta tot botanische tuinen bij Bogor tot de Bromo-vulkaan tot de rust van Lovina Beach.

De reis is van 16 mei t/m 6 juni 2004 en ik zal hieronder gaan trachten te beschrijven hoe ik de reis heb ervaren in dagboekvorm. De reis is voor een groot gedeelte al beschreven op de Djoser-site (link) hoewel over het algemeen de invulling ter plekke geheel aan de reiziger(s) zelf over wordt gelaten.

De reis wordt verzorgt door 'Malaysian Airlines' (tijden zijn allen lokale tijden):
16 mei: 
Amsterdam  12:00  - Kuala Lumpur  07:10 (MH 17)
Kuala Lumpur  09:05  -  Jakarta  10:10 (MH 711)

05 juni:
Denpasar  18:40  -  Kuala Lumpur  21:40 [MH 852]
Kuala Lumpur  23:45  -  Amsterdam  06:25 [MH 16] (aankomst volgende dag)

Praktische info:
Aanbevolen vaccinaties: Hepatitus A, Tyfus en DTP (Difterie, Tetanus & Polio). Daarnaast worden Malariatabletten sterk aangeraden
www.lcr.nl voor meer informatie.

Geldzaken
1 Euro levert ongeveer14.000 Indonesische Rupiah op

Weer
Het klimaat is tropisch, met temperaturen tussen de 25° C en 33° C. De vochtigheidsgraad is in het algemeen hoog. In berggebieden kan het 's avonds en 's nachts kil worden. Tijdens de moesson (november - maart) zijn Java, Bali, Lombok, Noord Sumatra en Noord- en Zuid Sulawesi goed te bereizen. De buien zijn kort en hevig en vallen in het algemeen alleen 's avonds en 's nachts. Het grootste deel van de dag is het ook tijdens de moesson gewoonlijk droog en zonnig.

Landeninformatie:
Indonesië:
"Republik Indonesia" is ongeveer 57 maal zo groot als Nederland en heeft zo'n 210 miljoen inwoners (Jakarta alleen zijn al 12 miljoen mensen). Indonesië bestaat uit meer dan 1700 eilanden. De afstand west-oost vanaf Sabang op Sumatra tot Merauke op Irian Jaya is ruim 5000 kilometer. 85% is Moslim en 10% is Christen. De rest van de bevolking is Hindoe of Boeddhist. De hoofdstad is Jakarta op het eiland Java. De officiële taal is 'Bahasa Indonesia'. 

Java:
Java is ongeveer zo groot als Groot-Brittannië en heeft rond de 70 miljoen inwoners. Het eiland telt maar liefst 35 actieve vulkanen De hoofdstad is Jakarta en het tijdsverschil met Nederland is standaard +6 uur maar tijdens de zomertijd +5 uur.

Bali:
Bali is zo'n 5800 Km² en heeft zo'n 25 miljoen inwoners. De grootste stad is Denpasar en het tijdsverschil met Nederland is standaard +7 uur maar tijdens de zomertijd +6 uur.

Voorbereidingen:
Na de reis geboekt te hebben is nu het informatiepakket inmiddels alweer binnen. Een boekje over Indonesië met reisimpressies, achtergrondartikelen en praktische tips wordt  meegezonden samen met de aanvraag voor een visum die ik nodig zal hebben voor Indonesië. Ook zelf voor de grap een visumaanvraag invullen? Klik hier om dit eens te bekijken.

De beste voorbereiding is eigenlijk zo op internet te vinden. Blijkbaar vinden meer mensen het leuk om uitgebreid te gaan vertellen over hun vakanties wat het voor mij makkelijk maakt om complete reisverslagen te vinden over onder andere deze reis. 

Al snel heb ik een boekje over Java/Bali gekocht. Even afgeweken van het 'traditionele' Lonely Planet boekje omdat die alleen 'Indonesië' hadden en dat iets teveel informatie was. Deze trotter is tenminste 'mijn' twee eilanden waar ik meen veel meer aan te hebben. Dit is weer een stuk leesvoer om mezelf mee bezig te houden tijdens de vlucht. 

Op 03 mei komt een erg zware beproeving van deze reis.  Voor mijn Trans-Amerika reis vorig jaar heb ik al twee prikken gehad, maar voor deze heb ik er wederom twee nodig; een verlenging van de Hepatitus A-prik (nu voor een periode van 10 jaar) en een prik tegen (buik-)tyfus. Ook heb ik weer  100 'Paludrine-pillen' nodig tegen de  gevreesde Malaria. Drie weken + vier weken de kuur afmaken is alles om uzelf te beschermen tegen de vijandige mug.

Reisverslag

Om 07:14 gaat de wekker. Voor het eerst sinds lange tijd heb ik hoofdpijn bij het wakker worden en ik kan alleen maar concluderen dat dan maar zenuwen zijn of iets dergelijks..vreemd. Een paracetamolletje dan maar om de (zeer lange) dag mee door te komen dan maar.

Bij het ophalen van mijn ticket op schiphol staat een aardige dame die mij de tickets overhandigt en tevens wat mensen aanwijst die ook bij de groep horen. Anders dan de vorige keer toen ik in Guatemala pas kennismaakte sta ik nu al tussen de mensen in die met mij de lange reis aangaan. Bij de douane is het gelukkig geen probleem dat ik in mijn paspoort 'Frans de Smit' heet en in m'n Indonesische visa 'Frans de Smits'. "Dat heeft het consulaat zelf dom gedaan' krijg ik als opmerking; ik kan het er alleen maar mee eens zijn.

Vlucht verloopt soepel en ik ben zo blij als een klein kind als niet alleen de mogelijkheid van films, radio, geselecteerde tv-series en nieuws beschikbaar zijn, maar zelfs een heuse Super Nintendo emulator draait op m'n schermpje. Ook de overige zaken zoals eten, drinken en overall service zijn gewoon goed geregeld bij Malaysian Airlines. Via Kiev, Kaspische zee, Afghanistan (!) en India landden we om 24:18 'mijn' tijd (06:18 lokale tijd) op de Maleisische hoofdstad Kuala Lumpur.

Bij deze korte onderbreking op Kuala Lumpur hebben we inmiddels heel de groep wel zo'n beetje gezien. Met een groep van 15 mensen is de reis niet 'vol' en dat kan zijn voordelen hebben. Wel is de veelzijdigheid weer te zien in de groep. Na zo'n 2,5 uur moesten we weer inchecken voor de laatste reis naar Java - Jakarta. Onderweg waren de eerste blikken van Java al vanuit het vliegtuig te zien. In ieder geval zag het eruit alsof het een mooie dag ging worden. Omstreeks 10:15 lokale tijd stonden we in Jakarta op de luchthaven in de rij bij de douane. Geen problemen ondervonden en na wat geld uit de automaat te hebben gehaald alsmede de koffers opgehaald te hebben stonden we met z'n allen te wachten op onze reisbegeleider, Wim.

Onderweg naar Jakarta kregen we gelijk al een aantal vreemde indrukken. Het land is snikheet eigenlijk het hele jaar door. 35+ celcius is een standaard en of er nu regen bij valt of niet maakt niet zo gek veel uit. Drie tolhuisjes die om de een of andere reden behoren tot (de toch al veels te rijke) Soeharto. APK, links en rechts inhalen, rijden door rood, maximum snelheid, etc.. allemaal overbodige regels aangezien het toch allemaal wel goed gaat. Na een drie kwartier rondtoeren kwamen we aan bij ons hotel in Jakarta, Bintang. Er schijnt hier wel meer zo te heten; we kwamen er al snel achter dat het Indonesische nationale bier bijvoorbeeld ook zo heet.

Na nog wat uitleg van Wim wilde ik heel even gaan liggen. Dat heel even werd al snel verlengt aangezien ik niet in het vliegtuig geslapen had. Ik had wel afgesproken om weg te gaan, maar de ‘Monas’ (het nationale monument; hoog met dus een fantastisch uitzicht over de stad) was toevalligerwijs stuk. Alsof ik het wist..

Nadat ik dan toch eindelijk wakker was geworden rond 17:00 vond ik Manuel, mijn vaste kamergenoot, beneden aan de bar. Na even wat gedronken te hebben de stad verkend met een Bajajs. Een Bajajs is een kleine, gemotoriseerde driewieler die nog minder regels volgen dan de autorijders, niet aan te raden voor mensen met een zwak hart. Overal geniepig tussendoor reden we naar de Jalan Jaksa (Jalan = straat) waar het uitgaansleven een beetje in de buurt ligt. Na een rondje gelopen te hebben, kozen we voor pappa’s café.

De eerste Nasi Goreng (en lang niet de laatste) was een feit. Voor 6 euro twee Nasi Goreng en twee 0,6 liter bier is toch niet veel.. Nog even een balletje geslagen in een westerse poolzaal waar de muziek het goedmaakte voor de westerse prijzen en terug naar het hotel om een goede nachtrust te krijgen.

Om 08:51 wakker en na het douchen heerlijk ontbeten. Na het ontbijt ben ik nog heel even rond gaan lopen om het dagelijkse leven van Jakarta een beetje te bekijken. Daarbij is het als blanke grappig rondlopen. Hoewel Jakarta nog wel een internationale stad is, is het toch nog een raar verschijnsel om een blanke rond te zien lopen. Andere huidskleur en veel langer dan de gemiddelde Indonesiër. Om 11:30 was het vertrek naar het Batavia-gedeelte van Jakarta.

In 1619 stichtte Jan Pieterszoon Coen, gouverneur-generaal van de VOC, Batavia. Deze stad is nu de hoofdstad van Indonesië en draagt de naam Jakarta. Deze havenstad is strategisch erg belangrijk, want ze ligt aan Straat Sunda, tussen Sumatra en Java. Naast Straat Malacca is dit de enige passage tussen West- en Oost-Azië, dus van hieruit kan de scheepvaart gemakkelijk gecontroleerd worden. Om het stadje te veroveren moest Jan Pieterszoon Coen dan ook slag leveren tegen de Engelsen en tegen lokale vorsten. Batavia zou de 'hoofdstad' worden van het handelsimperium.  

Het eerste gedeelte speelt zich af bij het plein ‘Taman Fatahillah’. Café Batavia is een koloniaal gebouw waar de Nederlanders hun vertier kwamen halen. Hedendaags is het gebouw goed gerestaureerd en een leuke plek voor onze lunch. Vele foto’s van allerlei beroemde mensen waarvan sommige de menukaart aan de achterkant hebben staan. Aan de andere kant van het plein ligt het tegenwoordige museum van Jakarta. Ook een koloniaal, Nederlands gebouw uit 1627 die er vooral van buiten nog goed uitziet. Aan de zijkant tenslotte nog een Wayang-museum. Persoonlijk heb ik niet zoveel met de Wayang-poppen, maar dit museum herbergt gek genoeg ook het graf van de oprichter van Batavia, Jan Pieterszoon Coen.

Na dit gedeelte waren we klaar voor ‘Sunda Kelapa’; de oude Batavia-haven die nog steeds in gebruik is hoewel de bedrijvigheid hoogstwaarschijnlijk stukken minder is dan in de koloniale tijden. We kregen een rondje door de haven op drie kleine bootjes en die bracht ons langs een groot aantal boten. Een aantal werden er uitgeladen, een aantal werd aan gewerkt en een aantal lag er maar..
Opvallend was dat er alleen maar houthandel gaande was. Ook was goed te zien dat er een groot aantal mensen een grote armoede hebben in Indonesië. Afval was overal te zien in het water en houten hutjes wat moest doorgaan voor huizen waren er in overvloed.

Na ons ritje door de haven nog een oud-hollandse ophaalbrug die er nog netjes bij lag. Ons werd verteld dat deze nog lange tijd gebruikt is, maar nu dan ook overbodig was geworden. In ieder geval was het grappig om te zien.

Door de immense chaos inmiddels op de weg duurde het even voordat we bij de afsluiter van deze excursie waren aangekomen. De grootste moskee van Zuid-Oost Azie lag er wat triester bij in de motregen die inmiddels was begonnen. Desalniettemin was de Istiqlal-moskee een imposant bouwwerk waar, als het moet, plaats voor 120.000 man is. Aangezien men discreet gekleed moet gaan en wij Nederlanders lekker in de korte broek en korte t-shirtjes lopen moesten een aantal een heel gewaad aan. Naast de Istiqlal-moskee lag nog een katholieke kerk, St Mary’s Cathedral, waar niet veel bijzonders aan is behalve het feit dat de later afgemaakte toppen van de kerk wel lijken op oud-russische radiozenders.

In het inmiddels nog slechter geworden weer moesten we door de avondspits naar huis. Een niet al te slimme opdracht en het duurde dus wel even. Na wat opfriswerk werden we gedirigeerd naar een Padang-restaurant. We wisten niet wat het betekende en dat was toch even schrikken daar. Bij binnenkomst werd, na de bekende zeer vreemde blikken ‘wat doen die hier’, de vraag gesteld wat we wilde eten. Manuel antwoordde met de vraag of we het menu konden zien. De beste man verstond blijkbaar dat we het hele menu wilde en nog voordat we zaten (!) stond er een complete rijsttafel klaar om gegeten te worden.

Met zeker 30 verschillende bordjes met eten en een grote bak rijst moesten we, liefst met de handen, ons eten bijelkaar zoeken. Zichtbaar genietend keek de manager van het geheel toe en hoewel wij de toeristen waren bleken wij wel de toeristische attractie te zijn. We hebben de hart, longen en hersenen maar overgeslagen, maar voorderest was het wel te doen; sowieso een leuke ervaring.

Nog een drankje in het hotel en we werden meegenomen door een hotelbediende die nog wel een leuke tent wist. Helemaal aan de andere kant van de stad reden we een geweldig hotel binnen waar op de bovenste etage een leuke uitgaansgelegenheid zou zijn. Goede muziek, wat veel blanken en af en toe een live-optreden maakte het inderdaad tot een leuke avond. Sweet Child’o Mine door een aziaat gezongen klinkt wat vreemd en toen de Dj ook nog ‘o.p.p.’ aanzette was bij mij de avond al een succes. Omstreeks 01:30 werden we afgezet door onze vriendelijke hotelbediende en we zijn lekker gaan slapen.

06:20 ging de wekker, 06:30 de morning call en om 06:55 nogmaals. We werden blijkbaar niet vertrouwd, maar we waren gewoon op tijd voor het ontbijt en aansluitende busreis. Tijdens dit ontbijt kwamen we er bruut achter dat koffie niet iets Indonesisch is. Oploskoffie is het enige beschikbare en die is niet om over naar huis te schrijven..  

Op weg naar Bandung was de missie vandaag. De eerste tussenstop waren theeplantages. Deze waren in overvloed aanwezig en we kwamen redelijk op tijd om alle plukkers te zien. Veelal vrouwen viel al snel op terwijl de zware zakken toch een aardig eindje gedragen moesten worden. De toppen zijn alleen nodig voor de thee en de volle zakken werden na het plukken gewogen om het salaris te bepalen.

De tweede stop was in Bogor. Bogor is door de Nederlanders gesticht en gold als vakantieoord. Alles draait in Bogor om het gebied ‘buitenzorg (zonder zorgen)’ wat vooral een grote botanische tuin is. Ook een hertenkamp en een immense villa vallen binnen dit gebied. We kregen een rondleiding van een uur door de grote verzameling zeldzame bomen en tropische planten van een Nederlands sprekende bioloog. Na de botanische tuin zijn we doorgereden naar onze lunch-afspraak. Bovenop de ‘Puncak Pas’ (1500 m) hadden we in principe een mooi uitzicht en lekker eten. Het weer gaf nog wat beeldverslechtering, maar toen het echt begon te regenen zaten we alweer in de bus.

Onderweg naar bandung werd het steeds drukker en uiteindelijk kwamen we hierdoor te laat aan bij Padepokan. Padepokan is een school opgezet door iemand met een zwak voor kinderen en we kregen een leuk schouwspel te zien van vele kinderen met hun angklung. Een angklung is een instrument gemaakt van bamboe waarmee ze allemaal verschillende tonen konden fabriceren.

Na een voorstelling moest het publiek het even proberen wat nog aardig goed ging. Hierna moest er ook meegedanst worden en zo hier en daar zelfs meegezongen worden. Helaas vond ik het uiteindelijk iets te toeristisch worden, want het laatste wat ik wil horen in Indonesië is ‘Tulpen uit Amsterdam’..

Na deze show door de file naar het hotel waar we na het opfrissen gelijk al weer zijn weggegaan terug naar de stad. Het was inmiddels gaan hozen en dat bracht niet veel goeds bij de chauffeuse naar boven. Wij zagen als passagier meer verkeer dan haar en het is nog maar de vraag of we het er levend van af hadden gebracht als we langer dan 10 minuten in de auto hadden gezeten. Mijn geweldige idee van schoenen aantrekken werd beloond met een vrij natte aangelegenheid. In een tropische regenbui valt er zoveel regen dat het riool het lang niet aankan. Het idee was ontstaan om maar een slippers te gaan kopen.

Na het Padang-eten van gisteren wilde we even lekkere, westerse fastfood bij Popeye’s (chicken & seafood). Aangezien € 1,70 voor een compleet menu nog te duur is voor de Indonesiër aten we alleen. Op de terugweg in een supermarktje de slippers gekocht tezamen met nog wat kleine dingetjes. De topmerken waren er zo spotgoedkoop dat je al snel in de verleiding was om de hele zaak op te kopen. Voorderest zijn we maar terug gaan lopen naar het hotel aangezien het niet zo ver was en de regen alweer over was. Nog een drankje in het hotel met de groep en we zijn gaan slapen.

Om 06:20 alweer de wekker waarna douchen, ontbijt en de busreis volgde rond 07:30. Een lange busreis dit keer met weer een aantal stopt gepland. Bandung verlatend was het een stuk rustiger dan hoe we gisteren zijn binnengekomen. Het gaf ons de mogelijkheid naar de wat oudere, Nederlandse huizen te kijken waar nu de rijke Indonesiër in huisvest.

Onze eerste stop was in Garut; een klein gehucht waar we met paard en wagen naar een meertje werden gebracht. Na de oversteek met een groot vlot kwamen we aan bij een soort communie met zes huizen, een moslim begraafplaats en een hindoetempel. De eerste tekenen van een multireligieuze gemeenschap wat geen directe problemen oplevert; een van vele.

Met een geweldig uitzicht er nog bij en vele klavertjes vier (hier zijn ze dus allemaal!) vormen ze een hechte gemeenschap wat er bijelkaar allemaal leuk uitziet. Bij het verlaten van het eilandje werden we uitgezwaaid door de lokale schoolgemeenschap.

Na een koffiestop bij een Japans uitziend etablissement hebben we twee korte stopjes gehad. Een ouderwetse ploegtechniek om het land mee te bewerken met echte buffels. Daarnaast een stop voor een geweldig uitzicht op vele, vele rijstvelden die beide leuke plaatjes opleverde.

Na weer een fiks aantal kilometers in de bus was het tijd voor wat beweging. We stopten bij Kampung Naga. Een dorp gelegen op 340 treden naar beneden bestaand uit vele, authentieke huizen en volledig zelfverzorgend. Uiterst efficiënt en weinig verspillend maken ze gebruik van alles wat er te vinden. We kregen een uitleg van een bewoner die er behoorlijk trots uit zag. We mochten zelfs even zijn huis betreden en hoewel het in onze ogen allemaal simpel eruit zag was het toch goed georganiseerd en ontbrak het aan weinig.

Lunch hierna gebruikte we in Tasik Malaya. Gelukkig hadden we hier de beschikking over een zwembad om even af te koelen. De uiteindelijke bestemming van vandaag was Pangandaran. Omstreeks 18:30 kwamen we aan in het donker en na wat incheckwerk zijn we gaan eten bij Relax. Hierna de plaatselijke (en enige geopende met aanwezigheid van mensen) bar opgezocht zijnde de Bamboe-bar. Na wat Bintang’s en geklets zijn we heerlijk gaan slapen rond 0:30.

Aan de rand van Pangandaran lag nog de echte jungle. Om ongeveer 07:50 stonden we op om eens een kijkje te gaan nemen in het grote, groene bos. We kregen een aantal dieren beloofd en aan het einde van de rit hadden we het inderdaad allemaal gehad. Direct na binnenkomst werd al driftig gezocht door de meegekomen gidsen. De apen kwamen al snel, maar honger doet al snel wonderen bij die beesten. De herten volgden ook en het bos werd hoe langer hoe leuker. We begonnen braaf op de paadjes, maar door grotten en smalle riviertjes eindigden we midden in de rimboe.

Door een tweetal grotten zagen we veel slapende vleermuizen en na wat overtuiging (lees:eten) ook stekelvarkens. Tijdens de wandeling kwamen daar nog een duizendpoot en gevaarlijke schorpioen bij. We eindigden met een toekan, een geweldig uitzicht en een voorbijflitsende varaan om ongeveer 13:20 weer bij het hotel te zijn. Het was al behoorlijk heet en als je dan ook nog zo gaat inspannen kan je zwemmen in je eigen zweet; heerlijk is het dan om een zwembad te hebben waar je wat baantjes in kan trekken.

Na een lichte lunch bij het zwembad zijn we naar de oosterse markt gegaan waar we wat inkopen hebben gedaan. Vele etenswaren en ook nog wat kleding was er voorradig om te bekijken. Na een zwembroek te hebben aangeschaft zijn we weer teruggegaan, want ik had een afspraakje met een man om 17:00.

De doofstomme man (geweldig; hoef je geen onzinnige gesprekken mee te hebben) kwam mij een massage geven van zo’n 45 minuten. Dat getrek en gepluk aan je lichaam is toch wel erg lekker en redelijk ontspannen. Dit relaxuurtje werd gevolgd door een schoonheidsslaapje waardoor de middag wel snel voorbij was.

Na het lekkere tukje nog even wat geld gehaald (door de devaluatie van de Roepiah werd de vakantie steeds goedkoper) en we zijn met de jongens op stap gegaan naar de vismarkt. De vismarkt is een verzameling restaurants die allemaal op elkaar lijken. De bedoeling is dat er een aantal bakken op display staan bij binnenkomst waar de vis in zit. Veelal witte vis, gamba’s, normale garnalen en inktvis. We stonden te kijken moesten een aantal kilo’s aan vis kiezen om te eten. De chef raadde ons de bijbehorende saus aan die wij direct accepteerde (hij zal het wel weten he..).

Het diner werd er uiteindelijk op volgde was het lekkerste eten van heel de vakantie. Heerlijk klaargemaakt, vers van hoogstwaarschijnlijk diezelfde ochtend gevangen en met erg lekkere sauzen. Overigens wordt de sojasaus in Indonesië ook al met voldoende pepers klaargemaakt. Bintangs gelukkig in overvloed. Na nog een biertje in de bamboo-bar (inmiddels omgedoopt tot bimbo-bar) zijn we gaan slapen.

Om 09:00 met de becak vertrokken voor een hele dag entertainment. De eerste stop was de oosterse markt waar we de dag ervoor ook waren geweest. Dit keer was er een gids bij die nog wat dingen kon mededelen over vooral het aanwezige eten. Grappig om typische Nederlandse groenten te zien die ‘wij’ dus geïmporteerd hadden (boontjes, bloemkool, etc).

Daarna werden we gefietst door vele rijstvelden om uiteindelijk uit te komen bij een verzameling palmbomen. De palmbomen werden gebruikt voor het sap wat uit de vrucht komt op te vangen. Dit sap werd uren gekookt om vervolgens een hapje van te maken. Na het hapje geproefd te hebben kan ik zeggen dat het het meest lijst op karamel. Verbazingwekkender was echter dat de beste man die verantwoordelijk was voor het sap 100 maal op en neer ging zonder hulpmiddelen in de palmbomen. Hij had dan ook ietwat meer spieren dan ik..

Hierna een gezellig kroepoekfabriekje opgezocht. In de immense hitte werden we afgezet door de becaks bij het fabriekje waar de kroepoek lag te drogen in de snikhete zon. Ze waren allemaal een beetje geelgroenig en in een grappig figuurtje geformeerd. We mochten zelf even proberen het deeg (lijkt erg veel op brooddeeg voordat ze te drogen worden gelegd) in figuurtjes te maken wat uiteraard niet helemaal perfect ging.

De bedoeling was om hierna naar een wayang poppenmaker te gaan die ook zo nu en dan shows gaf. We kregen echter een extra stop aangezien een van onze gidsen een bruiloft in de familie had waar wij toevalligerwijs langs zouden rijden. Onze grote tourbus stopte vlak voor de ingang en hoewel het zo heet was dat overal het asfalt smolt werden we erg vriendelijk ontvangen in een koelere tent. We werden direct op de eerste rij gezet (zelfs oma moest even opzij voor de blanken) en kregen direct (veels te veel) te eten en te drinken. We waren de enige die op de comfortabele banken zaten en of het nu toeval was of niet; de show begon vijf minuten nadat we zaten. Met het schaamrood op het gezicht 'moesten' we alles wel in ontvangst nemen aangezien een 'nee'  een grove belediging is in hun ogen. Gelukkig konden we toch nog iets 'terugdoen'  namelijk simpelweg aanwezig zijn. Het is blijkbaar een eer waar nog lang over nagepraat zal worden om een hele groep blanken op bezoek te krijgen; het aanzien zal stijgen..

De wayang poppenmaker zat er rustig bij. Ergens midden in de bossen was hij met een groot kunstwerk bezig wat een beeltenis uit de 'Ramayana'  voorstelde. De voorstelling Ramayana is nu eenmaal een belangrijk stuk geschiedenis voor Indonesië. Hij liet zien hoe hij ze maakte en gaf in zijn shop nog een klein showtje weg met de poppen. Hij was erg behendig en uiteraard maken de vele stemmetjes het geheel nog wat interessanter. De gelegenheid was er om poppen te kopen, maar zoals ik al eerder gezegd heb hou ik er persoonlijk niet zo van. 

Hierna was het lunchtijd. Na weer een ritje met onze bus werden we afgezet bij het strand waar we wel mochten zwemmen. Op het strand genoten we dus ook de lunch dus het was een heerlijk plaatje bijelkaar. Na de lunch een bootritje door 'The Green Canyon'.

 

 

Waar de naam vandaan komt laat zich makkelijk raden. Zo ongelooflijk veel planten en bomen maken de weide omtrek compleet groen en daarbij was zelfs het water groenachtig. De mooie omgeving leidde uiteindelijk naar een rotsspleet waar een constante damp hing. Het was de bedoeling er te kunnen zwemmen, maar de stroming was iets te snel voor ons. Wel waren de zonnestralen die door de spleet heen kwamen een erg mooi gezicht.

Terug in het hotel was het tijd voor wat relaxen. De bedoeling was een barbecue die avond, maar het weer begon wat tegen te vallen. Hoewel de hitte niet zo snel weggaat is motregen iets wat je niet kunt gebruiken bij een barbecue. In de grote hal van het hotel werd deze dan maar gehouden met een optreden van een typisch Javaanse danseres die op de traditionele muziek (herrie..) haar kunsten vertoonde. En hoewel sommige van ons ook hun kunsten moesten vertoonden werd het er niet bepaald beter op:-)
Nog heel even naar de bimbo-bar en lekker gaan slapen..

Om 07:09 ging de wekker weer. Na het ontbijt reden we richting Kalipucang om vervolgens met de boot naar Calicap. Een drie-uur durende tocht die best mooi was, maar erg luidruchtig. De krachtige dieselmotor stond binnen de boot en produceerde genoeg decibels om een gesprek onmogelijk te maken. Na de boottocht vrijwel direct lunch en in de bus richting Wonosobo.

In Wonosobo was dan eindelijk een internetverbinding die het, na uiteraard wat startproblemen, langzaam doch zeker werkte. Even alle berichten ingehaald en mailbox opgeschoond die blijkbaar vol zat.

Lopend door Wonosobo voel je je een echte beroemdheid. Wonosobo is een stadje waar erg weinig toeristen komen en dat is dus duidelijk te merken. Weinig hotels, weinig restaurants en als je als blanke rondloopt voel je overal de ogen op je gericht staan. Hoewel jij de toerist bent lijkt het precies andersom en als sommige dan ook nog durven wat tegen je te zeggen is helemaal het hek van de dam.

Aangezien er toch vrijwel geen keus was hebben we met z'n allen gegeten bij de chinees. Hier kwamen uiteindelijk wat oorlogsverhalen naar boven van Henk en na een drankje zijn we gaan slapen.

Om 07:30 zaten we alweer in een klein busje op weg naar het Dieng Plateau. Ik was al 'gewaarschuwd' door mijn trotter-boekje dat het Dieng-Plateau qua tempels wat tegen kan vallen dus was goed voorbereid met weinig hoge verwachtingen.

De rit er naar toe was in ieder geval wel bijzonder fraai. Wonosobo ligt op ongeveer 800 meter en klimmende naar het Dieng Plateau eindigden we uiteindelijk op 2093 meter hoogte. Op een van de vruchtbaarste gebieden ter wereld werd elke vierkante centimeter gebruikt voor landbouwdoeleinden. Diverse vulkanen en bergen zorgden voor een zeer onherbergzaam geheel en zorgde derhalve voor fantastische vergezichten.

Aangekomen bij het Dieng-plateau bleek het inderdaad wat tegen te vallen. In de 8ste eeuw na Christus werd dit complex gebouwd en er zouden meer dan 400 tempels gestaan hebben. Na minimaal 18 geregistreerde vulkaanuitbarstingen en eeuwigdurende verloedering staan er echter nog maar 8 en die zijn bovendien allemaal geplunderd. Inmiddels wordt er wel moeite gedaan om het er nog een beetje mooi uit te laten zien, maar als er niet veel is zal het nooit een groot monument gaan worden. Overigens was het met de zon en het vulkaangebied op de achtergrond nog een aardig mooi aangezicht geworden.

In de buurt van het Dieng-plateau waren er nog een aantal trekpleisters zijnde achtereenvolgens een opening van een nabij gelegen vulkaan waar 150 graden bubbelende modder continue rook creëerde, een vier kleurenmeer die door0e irrigatie lang niet zoveel kleurverschil meer vertoonde en een rustige wandeling door wat landbouw.

Na een wilde rit terug aten we onze lunch in Wonosobo waar een erg lekker buffet werd klaargemaakt voor ons. ’s Middags hadden we een busrit naar het mooiste monument van deze vakantie; de Borobudur.

-
This famous Buddhist temple, dating from the 8th and 9th centuries, is located in central Java. It was built in three tiers: a pyramidal base with five concentric square terraces, the trunk of a cone with three circular platforms and, at the top, a monumental stupa. The walls and balustrades are decorated with fine low reliefs, covering a total surface area of 2,500 sq. m. Around the circular platforms are 72 openwork stupas, each containing a statue of the Buddha. The monument was restored with UNESCO's help in the 1970s.
-

Aangekomen bij de Borobudur was het eerst even de verkopers van je af slaan (soms helaas letterlijk) om bij de ingang te komen. Gelukkig kwamen we redelijk laat aan bij de Borobudur en was het weer nog steeds erg goed. Gezien het late tijdstip waren er opvallend weinig toeristen wat het geheel er nog veel puurder uit liet zien. 

De trappen oplopen was al aardig en het grote monument van dichtbij bekijken, waar erg veel verhalen staan afgebeeld in het steen, is ook erg indrukwekkend, maar het allermooiste is toch wel helemaal bovenaan staan. Boven staan de meeste stupa’s met boeddha’s en heb je een ongelooflijk mooi uitzicht over een erg wijde omgeving.

Het is officieel geen tempel, maar een meditatieplek. Ik kan me erg goed voorstellen dat boeddhisten hier urenlang kunnen mediteren ergens op de Borobudur.

Onderweg terug naar de bus kwamen wederom de, steeds irritanter werdende, verkopers. Tot overmaat van ramp namen we ergens de verkeerde afslag en werden we gedwongen door rijenlange kraampjes te lopen die allemaal gaan schreeuwen om maar iets te verkopen.. Na nog een echt hanengevecht gezien te hebben waren we er dan toch echt..

Na vele foto’s te hebben gemaakt zijn we weer vertrokken om naar Yogyakarta te gaan. Een mooi hotel aan de rand van de stad met een geweldig groot zwembad en een goede kamer.

Na gegeten te hebben in de viavia (www.viaviacafe.com – toevalligerwijs op mijn reis in Midden-Amerika ook al gezien) zijn we wat gaan drinken in de lokale bar. Helaas werd ik versierd door een gigantische nicht dus na een biertje maar snel gaan slapen.

De volgende dag waren we weer eens op weg voor een reeks goed verzorgde gebeurtenissen. Wederom werden we rondgereden in een becak en onze eerste stop was het paleis v/d broer van de sultan. Er regeren al erg lang sultans op het eiland; tegenwoordig een iets minder belangrijke functie, maar geniet desalniettemin nog voldoende aanzien.

Het paleis v/d broer van de sultan was wel mooi, maar we kregen weinig te zien. Het naast gelegen batik-winkeltje was iets interessanter. Met een soort oliepen werd er geschilderd op een stof waardoor een soort schilderij het eindresultaat werd. Na even rondgekeken te hebben kom je tot de conclusie dat ze er mooie dingen mee kunnen maken.

Een tussenstop werd hierna gemaakt op de vogeltjesmarkt. Hoewel er zat vogeltjes was het zeker niet exclusief. Helaas werden er veels te veer dieren tentoongesteld die onder erbarmelijke omstandigheden hun bestaan hadden in de kooien. Vleermuizen in de volle zon, tientallen cavia’s in een kooi van 30 vierkante cm, apen vastgeketend in de kooien en meerdere honden en katten in een kooi waar er in Nederland nog niet eens een in mag. We hadden het snel bekeken..

Het waterpaleis (Taman Sari) van de Sultan was de volgende bezichtiging. Het paleis werd gebruikt door de Sultan om te baden (was vroeger ook het waterreservoir) en uit te rusten. Ik lees over een vervallen paleis, maar als wij aankomen blijken er behoorlijk wat mensen opgetrommeld te zijn die het waterpaleis in ere gaan herstellen. Een drukte van jewelste en de opknapwerkzaamheden zien er veelbelovend uit. Het verhaal wat er door de gids bij verteld wordt is ook best grappig.

Er zijn drie baden waarvan twee naast elkaar, een torentje met sultanvertrekken en nog een apart bad. De sultan zit in het torentje kijkend over de twee aansluitende baden en ziet in het achterste bad de prinsen en prinsessen. In het dichtstbijzijnde bad zit zijn complete harem. Door middel van een roos (of meerdere..) die hij hoogt in het bad kiest hij een meisje/vrouw uit de harem. Deze maakt zit vervolgens op in de sultanvertrekken en zij en de sultan trekken zich terug in het aparte bad.

Na een foto genomen te hebben in het hoge torentje zag ik al bijna een roos naar beneden vallen..

Lopend verlieten we het waterpaleis naar de ondergrondse moskee (Masjod Soko Tunggal). Deze werd ook al verbouwd en dat was wel nodig ook. Er was weinig van over (zat soms niet eens een dak op), maar werd minder heftig gerestaureerd dan het waterpaleis. Met in het achterhoofd het gigantische bouwwerk Istiqlal in Jakarta zou je je bijna schamen als je hier zou moeten bidden naar mekka.

Hierna de paleis van de sultan zelf.  Deze is nu gouverneur van centraal java wat nog steeds een erg groot gebied bestrijkt. Het omvangrijke ‘Kraton’, zoals het paleis met al z’n bijgebouwen wordt genoemd, werd uitgelegd door een Nederlands sprekende gids die de geschiedenis en de huidige situatie netjes voordroeg. In de ontvangsthal werden we weer getrakteerd (lees: verminkt) door ‘gammalan’; de traditionele Javaanse muziek. De rondleiding was erg heet en vertelde onder andere de opleiding van de Sultan die hij in Nederland genoot. Geestig om Hema-lepeltjes te zien liggen.

Lunch hebben we in het centrum gebruikt wat redelijk dichtbij was. Yogyakarta is een behoorlijk grote stad en het centrum was dan ook erg levendig. De grootste winkelstraat was weer een lekker gekkenhuis met vele becak-aanbieders en een grote verscheidenheid aan allerlei producten. Na de lunch hebben we de grootste shopping mall van de stad, Malioboro, opgezocht voor de airco en de koffie.

Na vele dagen verschrikkelijke oploskoffie te hebben moeten drinken hadden we hier eindelijk de gelegenheid om ‘échte’ koffie te krijgen bij een westerse zaak. Je voelt je wel een verslaafde als je dan eindelijk heerlijke koffie drinkt en je zichtbaar geniet van dat lekkers wat je lang hebt moeten missen..

De middag werd veelal volgemaakt door luieren bij het zwembad. Even een paar baantjes trekken tussen een aantal jonge zwemmertjes die aan het leren waren en uiteraard even nagedacht over het leven (slapen dus).

Het was tijd om even alleen te zijn en ben daarom even terug gegaan naar de grote winkelstraat. Ik wilde nog schoenen kopen, maar dat is niet makkelijk met maatje 45/46 in een land waar de gemiddelde mens ophoudt bij maatje 40/42. Toch gevonden en de Converse-schoenen bevallen wel. Verder veel Vcd’s (soort Dvd’s), een engelse krant en een portemonnee gekocht. Gegeten bij de Texas Chicken (sorry..) waar ik weer de toeristische attractie was in plaats van vice versa.

Terugkomend in het hotel lekker rustig aan gedaan en een of andere B-film op HBO gekeken om eens lekker, met mijn vriend de airco, in slaap te dutten.

De volgende dag begon lekker relaxed. We hadden pas om 13:00 een excursie op het programma staan dus besloten we met een klein groepje lekker decadent ons te laten rijden naar het grote mariobollo om eens heerlijk een cappuccino te gaan nuttigen. Met de becak ging het lekker vlot en bovendien was het alweer prachtig weer. Na de cappuccino zijn we nog een originele Batik-broek gaan halen bij Batik Kris en we waren alweer onderweg terug naar het hotel gewapend met de nieuwste Herald Tribune. Nog even snel ‘gelunched’ bij de plaatselijke supermarkt (nootjes en een heerlijke chocolade-donut) en wachten op de excursie.

Om 13:00 waren we onderweg met de grote bus. Als eerste stond een zilverfabriek op het programma. Bij binnenkomst waren direct al duidelijk te zien dat iedereen zijn eigen werk had betreffende het maken van zilversieraden. Allemaal afzonderlijke schoolbankachtige tafeltjes waarop de arbeiders allerlei trucken uithaalden met het zilver om maar tot een goed resultaat te komen. Een rondleiding met wat uitleg werd aangeboden, maar de man sprak z'n engels wel met een heel raar accent; even rondlopen dan maar.

Achterin waren twee jongens druk bezig met het schoonmaken van het zilver. Een speciale vrucht werd gebruikt (leek op een lychee) voor z'n sappen en samen met kraanwater gaf het een mooie glans aan al het zilver. Ik had mijn zes ringen nog om die er allemaal aan moesten geloven; ze wezen m'n ringen aan en gebaarden dat ik ze maar eens af moest doen. Na wat poetswerk later waren ze inderdaad wel behoorlijk glimmend.

In de naastgelegen winkel kon vervolgens alles gekocht worden. Diverse mensen waren harde onderhandelaars (zoals aangegeven door Wim) en velen van ons liepen zilverrijk weer terug naar de bus. Een ketting en armband was mijn winst voor vandaag.
Na de zilversmeden zijn we nog langsgereden bij een Batik-fabriekje en leerfabriek. Bij beiden een uitleg en rondleiding wat weer informatief was. Bij de Batik-fabriek zag ik een leuk exemplaar voor mijn eigen huis en heb ik dan ook meegenomen.

Na terugkomst in het hotel even heerlijk gezwommen en van het internet gebruik gemaakt. Om 18:30 verzameld voor het vertrek. Een buffet met een voorstelling stond op het programma. Het buffet was erg lekker en divers. Eigenlijk weer een beetje rijsttafelachtig met vele verschillende gerechten. Tijdens het buffet kregen we een voorproefje van de aansluitende Ramayana-voorstelling in de vorm van een danseres.

Na het buffet bekeken we de volledige voorstelling van 1,5 uur. Behoorlijk veel mensen deden aan de voorstelling mee (toeristenbureau zegt 75; ik hou het op rond de 30/40) en het geheel werd op live-muziek (weer die Javaanse herrie ja) uitgevoerd. In een notedop:
Jong stel is verliefd; grote, boze man heeft alles behalve de vrouw; kidnapt de vrouw; man gaat op zoek; overkomt obstakels van handlangers van boze man; gevecht volgt; jonge man wint en gelukkige stel leeft nog lang en gelukkig. Als ik een fan van theater zou zijn geweest had ik het helemaal geweldig gevonden.

Nog een drankje in de bar en gaan slapen rond middernacht..

Om 06:30 alweer wakker voor een dagje rondrijden. De Prambanan stond op het programma en uiteindelijk Malang.

De hindoe-tempel was een imposant bouwwerk wat de hindoeïstische tegenhanger moest voorstellen van de boeddhistische Borobudur. Het grootste gebouw stond in de steigers (dat betekent een paar bamboestokken en acrobatische taferelen) wat in principe wel jammer was, maar je krijgt sowieso de indruk dat het geheel nog bij lange na niet gerestaureerd is. Er zijn overal rotsblokken verspreid wat nog veel meer tempels geweest zouden zijn. In het grenzende park waren nog wat kleinere bouwwerken en dat resulteerde in een lekkere wandeling.

-
Built in the 10th century, this is the largest temple compound dedicated to Shiva i
n Indonesia. Rising above the centre of the last of these concentric squares are three temples decorated with reliefs illustrating the epic of the Ramayana, dedicated to the three great Hindu divinities (Shiva, Vishnu and Brahma) and three temples dedicated to the animals who serve them.
-

Lunch gebruikte we in Roti Holland (?) met Hollandse gebakjes en koffie. Ik had er even geen trek in en ben de nabijgelegen kampung binnen gelopen. Ik wees naar een aantal voetballende jongens dat ik wel even mee wilde spelen en dat had direct tot gevolg dat ik de bal had en maar eens moest laten zien wat ik allemaal kon. Toen ik zei dat ik Van Nistelrooij heette had ik voordat ik ook maar een kunstje gemaakt had al succes en binnen no-time had ik de gehele populatie kinderen van 1 tot 12 jaar om mij heen.

Na een paar balletjes getrapt te hebben liep ik terug, maar werd ik gevolgd. Ik heb m'n camera gepakt en een foto laten maken met de kinderen. Grappig om vervolgens te zien dat de 'quickview' (op het schermpje van m'n camera was de foto in het klein te zien) hilarische taferelen opleverde. Kinderen die zichzelf terugzien met een grote, blanke man..

Rond 19:00 kwamen we aan bij hotel na een donkere bergrit. Het hotel lag net buiten de stad met als gevolg dat we werden omringd door grote, ongezellige kasten en huizen. We besloten bij McDonalds te gaan eten en na een rondje gelopen te hebben om het centrum van Malang werd duidelijk dat er sowieso niet zoveel te beleven viel in malang.

Na een erg interessant schouwspel gezien te hebben van wachtende mannen die een heel warenhuis vol vrouwen aan het opwachten waren (en dat zijn er veeeeeeeel..) wat allemaal tegelijkertijd vertrok vroegen we aan wat locals waar we naar toe konden gaan om wat te gaan drinken. ‘ Hugo’s’  werd gezegd en dat werd het dan ook. Het bleek een behoorlijk westerse club te zijn en we gingen dan maar met z’n tweeën verder.

We kwamen binnen in een lege club, maar na een tijdje begonnen er toch mensen binnen te druppelen. De wat rijkere Indonesiër en de sporadische blanken werden gemixt met de lokale jonge meiden groep. Ook weer een live band erbij die afgewisseld werd door een goed draaiende Dj. Omstreeks 01:30 hielden we het voor gezien.

Lekker uitgeslapen (met twee interrupties door de ‘housekeeping’  om 08:30 en 09:10??) en rustig naar het centrum begeven. Even snel internet gebruikt en koffie gedronken en na een rondje centrum met z’n allen gelunched om 13:00 in Toko oen (hmm).

Schriftjes en pennen waren gekocht voor de Balinese kinderen en wij wilden nog even naar het Dieng Plaza (winkelcentrum). We wilden een taxi of becak, maar toen die zichzelf uit de markt zette door onrealistische prijzen te vragen waren we blij aangesproken te worden door een Indonesise die goed Engels sprak (een van de weinige..) en ons verwees naar de blauwe busjes. De blauwe busjes rijden gewoon rondjes. Je hoeft niets te zeggen; gewoon instappen en uitstappen en bij het verlaten 1000 roepiah (jaja.. 9,6 cent) te geven.

Aangezien het winkelcentrum lang niet zo indrukwekkend was zijn we teruggegaan naar het hotel waar de rest van de dag rustig aan gedaan werd als voorbereiding op het nachtelijke uitstapje voor de zonsopgang/bromo vulkaan.

Lekker gegeten, gedronken en gekaart in het hotel en rond 21:30 dan nog maar even gaan liggen. De wekker ging om 00:30 alweer voor een zeer lange dag.

Omstreeks 01:15/01:30 was iedereen aanwezig in de receptie van het hotel om vervolgens met wat kleinere busjes op weg te gaan. The Corrs live was de muziekkeuze (bij gebrek aan.. wat anders) en we waren dus blij om na 2,5 uur slingerweggetjes aan te komen op de berg Penanjakan Thee of koffie was beschikbaar wat uiteraard wel gewenst was. We waren wat vroeg aangezien de zonsopgang pas om 05:15 was en dat gaf ons de gelegenheid om de idiote Japanners uit te lachen die met een witte badjas over hun kleren de kou wilde trotseren. Het was, voor indonesise begrippen, wat koud inderdaad, maar je kan ook te ver gaan.  

Op het uitkijkpunt was het een gekkenhuis. Toeristen en Indonesiërs door elkaar veelal met de camera in de aanslag om een mooi plaatje te maken van de zonsopgang. Helaas is dat nooit gelukt, want het wolkendek was iets te groots aanwezig voor een mooie zonsopgang.  

De manier waarop de vallei met o.a. de bromo-vulkaan werd gekleurd door het zonlicht met golvende wolken eroverheen was wel een erg mooi plaatje. Onze nog te volgen route naar de Bromo-vulkaan was duidelijk zichtbaar evenals de rook komende vanuit de vulkaan. Voorderest de complete vallei en omgeving..

Na een half uurtje rondwandelen en ongeveer 60 foto’s verder vertrokken we richting Bromo. Lekker stijl naar beneden, maar het was allemaal nog geen probleem. Door het vlakke dal kwamen we aan bij de voet van de Bromo. Paardjes stonden voor ons klaar met bijbehorende schreeuwende verkopers die graag met u de weg naar boven wilde. Aangezien ik wel in was voor wat actie besloot ik te lopen. De paardjes gingen achteraf in een dusdanig laag tempo dat ik sneller was dan de meeste mensen. De laatste rit was een trap dus daar moest iedereen aan geloven; 140 treden lang.

-
Bromo is actually just one crater in the vast, 800 km2 Tengger massif, which forms the largest of East Java's five main volcanic ranges. Although by no means the highest mountain in the region (2392m), it has gained its reputation partly because of its unique location and partly through the reverence shown to it by the local inhabitants.

An alternative route, from the north west, leads from Pasuruan on the coast through Wonokitri and Tosari, to the summit of Mt Penanjakan on the edge of the sand sea. This is rapidly becoming the favored spot to welcome the dawn, since it is the highest point in the vicinity and offers a spectacular view of Mt Semeru and the entire Bromo caldera's. As yet, however, there is only limited simple accommodation at Tosari.
-
Bovenop de krater had je een goed uitzicht van de omgeving en in de krater. De krater zelf was ... klein. Er kwam voortdurend rook uit, maar uit een krater met zo’n grote omtrek was de rookformatie maar betrekkelijk weinig. Zelfs de zwavellucht viel redelijk mee. De gehele vallei uitkijkend had je zeker wel een mooi vergezicht alle kanten op. Na een half uurtje rondgekeken te hebben gingen we weer terug naar beneden. Gezien volgend persbericht wat nog geen twee weken later was hadden we geluk gehad..

-
Doden na vulkaanuitbarstingen Indonesië
08 juni 2004, 14:53:45

JAKARTA (ANP) - Een vulkaanuitbarsting op het Indonesische eiland Java heeft aan zeker drie mensen het leven gekost en een onbekend aantal verwond. Duizenden mensen zijn geëvacueerd.  

De 2387 meter hoge vulkaan Bromo, gelegen in een nationaal park op 810 kilometer van de hoofdstad Jakarta, barstte dinsdag uit. Werknemers van het nationale park meldden tegen het tv-station Metro TV dat ten minste twee toeristen zijn omgekomen. Van één toerist staat vast dat het een buitenlander is. De lokale politie meldde dat ook een Indonesiër de uitbarsting niet heeft overleefd.  

Vulkanologen uit de stad Bandung hebben verklaard dat er gevaar bestaat dat de vulkaan opnieuw zal uitbarsten. De bewoners worden geëvacueerd.
-

Teruggekomen bij de busjes was er een lunchpakketje klaar voor ons om te picknicken bij de vulkaan. Ook was er nog een vreemd verschijnsel bij mijn t-shirt en het t-shirt van Henny. Hoogstwaarschijnlijk door de zwavellucht was er een chemische reactie ontstaan waardoor we paarse stipjes kregen. Het leek wel alsof onze t-shirtjes de mazelen hadden. Na een aantal uurtjes was het bij beide verdwenen.

Vanaf de vulkaan moesten we weer richting onze eigen grote bus. Snel werd pijnlijk duidelijk dat busjes niet de goede keus was geweest. We kwamen vast te zitten in een wat groot uitgevallen zandbak en werden voorbij gereden door de ook aanwezige ‘4 wheel drives’. Na wat langere aanlopen en veel geduw kwamen we uiteindelijk wel vooruit om 100 meter verder in een rij met nog veel meer vaststaande busjes aan te sluiten.

Samen met de locals besloten we maar mee te helpen met de vooraanstaande busjes, want als die niet opschieten doen wij het ook niet. Het was stijl bergop en dat was voor de busjes (en vooral de motoren) wat teveel van het goede. Een voor een kregen we het met z’n allen voor elkaar door veel motorkracht, veel duwwerk en het creëren van grip voor de busjes (het was nogal vochtig).

Een idioot voorval was er ook nog. Het derde busje in rij wachtte rustig zijn beurt af. Toen eindelijk de twee voor hem waren los gereden en dus verder konden nam de derde een aanloop en kwam weer vast te zitten. Na enig ‘aandringen’ (Grote, blanke mensen die de deur open trekken en ‘D’r Uit!’  roepen is erg angstaanjagend voor Indonesiërs..) verlieten 19 (!) mensen het busje en konden we weer van vooraf aan beginnen met het creëren van grip, duwen en de motor stuk rijden..

Ietwat laat kwamen we aan in Probolingo bij een restaurant om even wat te drinken en jezelf op te frissen. Onze eigen bus stond gelukkig al te wachten en hiermee gingen we onderweg naar Bali.

Na nog twee stops om wat te drinken zaten we aan het water te lunchen met als uitzicht Bali. Na de lunch heel even doorgereden naar de boot waar we na wat gepraat (lees: omkoping) direct op konden.

Onderweg was het niet al te best weer geworden en we zouden ook nog eens in het donker aankomen. Tel daarbij op dat we al vanaf 00:30 wakker waren om tot de eenvoudige conclusie te komen dat we blij waren om eindelijk in Lovina Beach aan te komen. We hadden een prachtig hotel aan zee met een ‘ok’ kamer inclusief zwembad.

Na een lichte maaltijd zijn we nog even wat gaan drinken bij de plaatselijke bar, maar er was weinig te beleven. Wel aanspraak van een gozer die alles voor ons kon regelen (drugs, vrouwen, etc). Op de terugweg nog snel even de karaoke-bar in waar Manuel zijn kunsten (ugh) vertoonde door Hotel California voor ons te zingen. Bij het bier kregen we gratis vrouwen, maar gelukkig is hun vocabulaire zo slecht dat ze na vier vragen door hun Engelse woorden heen zijn. Hierna heerlijk geslapen..

Het ontbijt was een lekker buffet waarna ik de nabij gelegen Kampung binnen ben gelopen. Lopend door het leven van een echte Indonesiër is het duidelijk te zien hoe ‘simpel’ mensen leven. Na even een man geholpen te hebben met het bouwen van zijn hekwerk, de buffels geaaid te hebben die ongetwijfeld hard gewerkt hebben, zien hoe de hanen worden getraind voor hun gevechten en zeer veel ceremonieplekken gezien te hebben, heb ik lekker gerelaxed bij ons zwembad en uiteindelijk daar ook de lunch gegeten.

Onze kamer was wat simpeltjes en na gezien te hebben hoe goed een ander stel het geregeld had waren wij al snel overtuigd om even over te boeken naar een grotere kamer aan zee. Decadent, maar we vonden wel dat we het verdient hadden. 

In de middag zijn we een excursie aangegaan met z’n vieren. Een boeddhistische tempel was weliswaar niet zo groot, maar wel erg mooi. Veel beelden en het viel op dat alles goed bijgehouden werd. Zelfs een mini-borobudur monument boven op de tempel wat al goede herinneringen opriep. Met een saron (verplicht) aan nog wierook aangestoken voor boeddha en we waren weer onderweg.

 De warmwaterbronnen waren meerdere lekker warme zwembadjes waarin we heerlijk gerelaxed hebben. Na nog een drankje weer vertokken richting hotel.

Na wat tijd doorgebracht te hebben op de kamer lekker gegeten in het hotel en nog nagepraat in het restaurant. Hierna riep het bed alweer.

Om 09:00 wakker voor ontbijt en snorkelen! Hoewel het eindelijk weer echt mooi weer was geworden stond er alleen nog een fors windje. Helaas is dat hinderlijk voor het snorkelen. We zijn wel gegaan, maar het was wat lastiger dan normaal. Gewapend met vinnen, duikbril en adempijp dobberden we vlak bij de oppervlak om al het moois voorbij te laten komen. Mooi, kleurrijke vissen waren er te zien alsmede nog meer afwisselende beesten. Langwerpige, platte, bolle, kleine en grote vissen kwamen allemaal voorbij gespurt; het was een mooi levend aquarium om te zien.

Na een uurtje waren we alweer terug en werd er even van de zon genoten. Deze gehele vakantie was dit eigenlijk pas de eerste keer dat we gewoon konden zonnen. Aangezien het een hele sterke zon betreft waren er vele, zelfs die maar heel even gelegen hadden, behoorlijk rood geworden.  

Om 14:00 hadden we weer een excursie gepland met z’n vieren. De waterval van Gitgit bestond uit een kleine wandeling (langs heeeeel veel kraampjes) en een zeer krachtige waterval die ook nog behoorlijk groot was. De waterval was de watervoorziening van vele Sawah’s dus was behoorlijk belangrijk. Op de weg terug wat gedronken en keiharde onderhandelingen gevoerd voor wat souvenirs.

Een vulkaanmeer stond op het programma wat wel even duurde. Over de berg heen hadden we wel een schitterend uitzicht over het gehele noorden van Bali.

Aangekomen bij het meer bleek dus ook en tempel te staan; ik had er even over heen gelezen, maar het bleek ook een niet al te indrukwekkende tempel te zijn. Wel was er een bouwwerk op een klein eilandje in het kratermeer wat erg mooi was om te zien. Het kratermeer zelf werd gebruikt voor wat wateractiviteiten, maar het was momenteel erg rustig. 

Naast de tempel stonden diverse mensen met beesten klaar waarmee, als je wat geld neertelt, je kan poseren op de foto. Het was al bekend dat wij sowieso nog een grote python zouden zien waarmee we op de foto konden dus we vermoedden al dat dit toevalligerwijs dezelfde tempel en kratermeer zou zijn als waar wij de volgende dag ook al langs zouden rijden.

Om de drukte voor te zijn besloot ik dan direct de python over m’n schouder te gooien en een kiekje te laten maken. De tien jaar oude python die ook bekend staat als een beruchte wurgslang was weliswaar erg rustig, maar rustig aan was z’n enorme kracht zeker wel te voelen. Na de python nog even een varaan vastgehouden die gelukkig erg duf was en alleen geïnteresseerd was in de zonnestralen om z’n koudbloedige lichaam op te warmen.

 

Teruggekomen bij het hotel stond er een barbecue op het programma voor de avond. De barbecue was in principe lekker als het niet zo koud was geweest, maar we kregen een toetje in de vorm van een drietal meiden die een Balinese dans te zien gaven.

Na het ontbijt de volgende dag pakten we de grote bus in voor de rit naar Ubud; naar het zuiden van Bali. We gingen als eerste op weg naar inderdaad het kratermeer en de bijbehorende tempel. Onderweg daarheen een stop gemaakt voor een boel apen langs de kant van de weg. Het was nu een stuk drukker bij het meer vooral door een enorme aanwezigheid van een aantal klassen die met ons op de foto wilden.

We hebben lekker koffie gedronken waarna we even langs een oosterse markt zijn gegaan voor nog wat echt goedkope inkopen.

Lunch was op een wat hoger gelegen plek met een prachtig uitzicht op het weidse landschap waaronder uiteraard veel sawah’s. Het eten was bovendien erg lekker..

Omstreeks 16:00 kwamen we aan in het artistieke plaatsje Ubud. Dwars door Monkey Forest waar de apen zeker niet alleen in het bos bleven hangen, maar ook brutaal buiten het bos gingen bekijken wat er gaande was. Het hotel was een knus hotel met direct buiten onze kamer het zwembad. De kamer zelf was wat klein; zeker in verhouding met de kamer van Lovina Beach.

Even een rondje gelopen door Ubud voor internet, cappuccino (heerlijk!) en nog een drankje.

’s Avonds lekker laat gegeten bij de ‘Dirty Duck’. Mick Jagger heeft hier blijkbaar zijn receptie gehouden; ook te zien aan de foto’s met hem erop. De atmosfeer was hier geweldig en de hele opzet was erg leuk gedaan. Het restaurant was tussen de rijstvelden gebouwd met ook afzonderlijke, Japanse eetplaatsen. Daarbij was ook het eten nog van een behoorlijk culinair niveau.

Nog even de reggae-bar opgezocht en daar blijven hangen tot 01:00. Bob Marley was er natuurlijk ook!

Na een heerlijke nachtrust hebben we ontbeten naast het zwembad tegenover onze kamer en was lekker continentaal (dus geen rijst!). Na eigenlijk hetzelfde rondje te hebben gelopen (internet, cappuccino en even bekijken hoe het restaurant er overdag met licht bij lag) zijn we rond 13:00 op pad gegaan voor een excursie met z’n vijven.

Het tempelcomplex Goa Gajah (Olifantsgrot) stond als eerste op het programma.

-
The cave, which is carved into a cliff face, probably dates back to at least the 11 century. Sunk into the courtyard is a pair of bathing pools. Water trickles into the pools through water jars held by maidens carved into the rock wall. Legend has it that the pools were considered a sort of fountain of youth. Bathing in them was supposed to keep you young.

The entrance to the cave is richly carved in the face of a demon. You enter the cave through the demon's gaping mouth. The cave itself is really rather small. The short tunnel from the entrance dead-ends in front of a statue of Ganesha. A short tunnel to the left leads to an alter holding a yoni while to the right is an alter with several lingam.  
-

Hoewel het een hindoecomplex betreft waren er gekgenoeg ook boeddhistische elementen te vinden. Even verderop stond een boeddha beeld ineens op de route en in een nabijgelegen grot was een meditatieplek voor boeddhisten speciaal gemaakt diep in de grot. Weer een voorbeeld van een goede verstandshouding tussen de verschillende geloven.

Na een gidsje tegen het lijf gelopen te zijn werden we gedirigeerd naar een tempeltje met heilig water een kwartiertje wandelen verderop. De tempel stond direct naast een enorme kloof met wild water er doorheen stromend en maakte het een goede plek voor een mooie foto.

Na dit tempelgebeuren de lunch genuttigd bij een restaurant wat ook al een mooi uitzicht had op de lokale akkerbouw.

Doorgereden naar Sayan voor het op een na mooiste uitzicht van de vakantie. Een enorme Sayan-kloof met de rivier ‘ Ayang’  waren beiden niet te zien, maar wel het reliëf dat door beide natuurelementen werd veroorzaakt die bezaaid waren met palmbomen en andersoortig groen.

’s Avonds hebben we de kecak gezien. De kecak is een uitvoering bestaande uit verschillende onderdelen. Bij binnenkomst was een soort ramayana bezig met daaromheen ongeveer 100 man die vrijwel continue snel achter elkaar ‘Kecak’ riepen wat een nogal guur en duister aspect gaf aan het geheel. Na nog een onbegrijpelijk stuk erna kwam er een kerel met een houten ezel op die met zijn blote voeten in brand staande kokosnoten ging wegschoppen. Aangezien het volle maan was hadden we wat meer verwacht en sowieso had de gehele voorstelling een bijzonder hoog toeristisch gehalte wat wat afdeed aan het authentieke ervan.

Na het eten ben ik lekker gaan slapen..

Om 08:00 hadden we zo ongeveer ontbijt, maar we waren niet de enige die honger hadden. Twee brutale apen uit het nabij gelegen bos kwamen op bezoek en uiteindelijk (toen wij al weg waren) op de ontbijttafel terecht.

Om 09:00 gingen we op weg voor een Bali-tour waar diverse dingen op het programma stonden..

In Mas gingen we op zoek naar houtsnijwerk. Na een zeer korte uitleg werden we uitgenodigd voor het bekijken van alle producten in de shop wat ons iets te opdringerig ging.. We waren snel weer weg.

De Pura Tirta Empul was hierna de stop. Een complex waar veel werd bijgebouwd en gerestaureerd wat natuurlijk een beetje afdoet aan het authentieke gevoel. Wel waren er behoorlijk wat mensen aan het baden in het heilige water wat blijkbaar zo heilig is dat alle ceremoniële plechtigheden (en dat zijn er nogal wat op Bali!) hier hun water komen halen.

-
962 AD. People from all over Bali come here to take a bath in the holy water for good health and good luck. The crystal clear water surfaces in another pool, according to traditions this is the Balinese Fountain of Eternal Youth and the pool is therefore protected by a wall.

Water is considered to be so important on Bali that it is used in almost all ceremonies and rituals, their religion is often called Agama Tirta, "The Religion of the Holy Water". The water in Pura Tirta Empul is especially holy, all water used for cremations on Bali is taken from here and it is said to have magical powers for healing.
-  

Bij een koffie branderij kon koffie geproefd worden wat de meeste dan ook deden. Voorderest was alleen de man interessant die koffie aan het branden was door twee uur lang te ‘wokken’  met de bonen; hij was vrij gespierd.

Na een eindje doorrijden kwamen we op een mooi uitzichtpunt waar het baturmeer goed te zien was. Naast het feit dat het een mooi uitzicht was bleek er ook nog een verhaal aan te zitten.

Het complex Pura Besakih was de volgende stop. Een heel gedoe bij het kaartjes kopen, want de toeristen werden vriendelijk (not) doch zeer dringend verzocht een gids mee te nemen. Na een kleine wandeling omhoog stonden we voor het enorme complex wat er op het eerste gezicht nogal chaotisch uit zag. Structuur leek te ontbreken en de vele hoogteverschillen van de aanwezige tempels duidden niet op een georganiseerde architectuur.

Op ongeveer 1000 meter hoogte liggende op de nog actieve vulkaan de Agung had je een erg mooi uitzicht over heel zuid-Bali. In 1963 grotendeels verwoest door diezelfde vulkaan, maar inmiddels gerestaureerd liggen 22 tempels verspreid over zo’n 1 kilometer lengte. De gids vertelde over de Hindoestructuur dat het complex in weze in drie-een gedeeld is voor de drie goden; het noordelijke,zwarte gedeelte voor Vishnu, het in het midden gelegen Shiva waar we niet in mochten en het zuidelijk, rode voor Brahma.

Na een uurtje rondgewandeld te hebben en harde onderhandelingen gepleegd hadden voor Manuel over een geweldig mooi schilderij gingen we op weg naar een van de grootse tijdsverspillingen van deze reis; Klungkung.

Klungkung is een klein plaatsje waar een paleis in staat waar de grootste trekpleister het drijvende paviljoen zou moeten zijn. Het paviljoen is compleet beschilderd met het verhaal van een volksheld die geofferd zou worden omdat hij teveel kinderen zou hebben gekregen (?). het bijbehorende museum is net zo dodelijk saai en na een kleine 10 minuten was het hele complex bekeken. Buiten het paleis stond een prachtig bouwwerk op een rotonde wat nog interessanter was dan het hele paleis.

Manuel ging vlak na terugkomst in het hotel al op weg naar Kuta. Wij zouden met een groepje de volgende dag volgen, maar Manuel wilde het nachtleven even verkennen. Wij gingen heerlijk eten bij hetzelfde restaurant als de dag ervoor en het was opvallend druk. Het zal iedereen wel opgevallen zijn dat er lekker eten te halen viel. Uiteraard nog even een afzakkertje in de reggae-bar en we waren onderweg naar bed.

Lekker vroeg weer wakker op de laatste echte vakantiedag. Na het ontbijt gingen we even naar de Monkey Forest waar we al drie dagen naast aanwezig waren, maar nog niet in geweest waren. De apen waren zich allemaal aan het wassen in een klein opgezet fonteintje en wij hebben even een rondje gelopen door het mooie bos. Wat tempeltjes, vreselijk grote bomen en prachtige steenwerken, maar het was al snel weer voorbij.

Nog even een cappuccino bij de, inmiddels, stamcafé en omstreeks 12:00 waren we onderweg naar Kuta.

Kuta is het Benidorm voor Australiërs. Het is ook een enorme verandering ten opzichte van de hele vakantie eigenlijk. Westerse prijzen, westerse bedrijven (Starbucks (!), Hard rock Cafe, cK, Armani, etcetc), westerse mensen (veel Australiërs, maar ook veel chinezen en japanners) en, nog veel belangrijker, een mooi, groot, wit strand! Het geheel had weinig meer met Indonesië te maken, maar het was natuurlijk wel leuk om allemaal te zien.

Na een drankje bij het Hard Rock Cafe hebben we een paar uur op het strand gelegen voor de tweede, en dus laatste dag van bakken in de zon. De zee was heerlijk en we zijn gelukkig nog net op tijd een beetje bijgekleurd. Continu werden we lastig gevallen door verkopers, maar het hoort er helaas een beetje bij. Even koffie gedronken bij de Starbucks en een cadeautje gevonden voor de reisbegeleider, Wim waarvan we die avond afscheid zouden nemen. Lopend door het winkelcentrum kwam er nog een ceremonie voorbij waar veel mensen aan meededen.

Rond 18:00 was de zonsondergang die uiteraard erg goed te zien was op het strand. Vele mensen waaronder ook veel Indonesiërs kwamen er op af en het strand was afgeladen. Na de zonsondergang zijn we direct teruggegaan naar Ubud voor het afscheidsdiner.
In de Dirty Duck was het weer heerlijk eten en nadat ik een woordje heb gehouden voor Wim en z’n cadeautje gegeven zijn we voor de laatste maal naar de reggae-bar gegaan voor een afzakkertje en daarna heerlijk gaan slapen.

Om 08:30 ging de wekker alweer en rond 10:45 vertrokken we naar het vliegveld. Kuala Lumpur waren we al vrij snel, maar toen begon helaas het wachten; zeven uur lang. De zeven uur zijn we doorgekomen met kaarten, koffie, internet en wat gegeten. De volgende vlucht van Kuala Lumpur naar Amsterdam zaten de meeste te slapen. Ik heb het wel geprobeerd en ben zo heel soms nog wel even weggeweest, maar het meeste van de tijd was ik helaas erg wakker. Onderweg hadden we een mooie, vertraagde zonsopgang wat mooie plaatjes opleverde en even later was er een prachtig wolkendek te zien boven Polen.

Om 06:40 lokale tijd landden we op Schiphol en was het avontuur weer voorbij. Op naar de volgende bestemming..

Links (Extern) : Hotellijst :
indonesie.pagina.nl Java
Djoser-pagina van mijn reis Jakarta - Griya Bintang Hotel
Reizen door Java Bandung - Abadi Asri Hotel
Reizen door Bali Pangandaran - Sandaan Hotel
  Wonosobo - Surya Asia Hotel
  Yogyakarta - Matahari Hotel
  Malang - Tidar Hotel
   
  Bali
  Lovina Beach - Aditya Beach Resort
  Ubud - Pande Permai Hotel